Je hoeft niet álles te doen

Je hoeft niet álles te doen

Een tijdje geleden sprak ik met een student over zijn stage. Dit is een fijne en goede student, hij werkt hard en probeert in de lessen zoveel mogelijk mee te doen. Hiernaast loopt hij stage in een thuiszorginstelling. Als een vis in het water is hij hier. Hij signaleert problemen, durft deze ook aan te kaarten, zet er passende interventies op in en wilt dit zelf allemaal uitwerken in de verpleegplannen. Een voorbeeld student. Totdat het gesprek verder ging. Hij vertelde dat zijn stagebegeleider vaak overwerkt en dat dit de norm lijkt te zijn binnen de instelling. Veel collega’s met een HBO verpleegkunde opleiding blijven langer werken om ervoor te zorgen dat alles rond is. Die uurtjes kunnen soms aardig doortikken.

Nu is deze student genoodzaakt hetzelfde te doen. Hij wordt immers ook opgeleid tot die HBO verpleegkundige. En dat is niet de grootste reden, de grootste reden is eigenlijk de norm van de organisatie. De indirecte norm. Op het moment dat hij niet aan die norm voldoet, haalt hij misschien wel een onvoldoende voor zijn stage. Want diegene die zoveel overwerken, die moeten hem uiteindelijk beoordelen. Enorm vervelend, zeker als je doorhebt dat dit overwerken te veel tijd in beslag neemt.

Hij gaf aan dat juist door het overwerken, hij een bevredigt gevoel heeft. De zorg is rond en hij heeft dit toch maar mooi gedaan. We spreken hier over een derdejaars student, die deze grote verantwoordelijkheid helemaal nog niet hoeft te nemen. En die nog moet leren om voor zichzelf op te komen. Hij moet nog leren dat de norm binnen een organisatie niet betekent dat de dingen ook daadwerkelijk zo moeten.

Als snel gaf ik aan dat als hij zo doorgaat, dit er misschien wel voor kan zorgen dat hij overspannen raakt, of burn-out raakt. Een scenario waar wij binnen de opleiding voor waken; de studenten krijgen les over weerbaarheid en bespreken dit in de les. De student had deze link nog niet gelegd en na navragen aan of hij hier iets tegen wilde doen, gaf hij direct al een nieuw persoonlijk leerdoel aan. Het is niet gezond om zoveel te willen en te moeten werken. Het is niet gezond om alles zelf te willen doen. Het is niet gezond voor de organisatie om te denken dat je collega’s het werk niet op kunnen pakken. Het is niet gezond voor de organisatie om deze norm te blijven houden. Dit is hard gezegd en soms moeilijk te bewerkstelligen.

De student heeft een nieuw persoonlijk leerdoel opgesteld. Het doel is natuurlijk SMART, maar komt erop neer dat hij niet meer zal overwerken, maar juist taken zal gaan overdragen en delegeren. Vertrouwen hebben op je collega’s dat zij het even goed kunnen doen als dat jij doet. Vertrouwen hebben op je collega’s dat zij deze werkzaamheden willen oppakken. En hopen dat de norm zal gaan veranderen om dit binnen de organisatie aan te pakken. De instellingsdocent wordt op de hoogte gesteld, zo ook de werkbegeleider. Een stukje persoonlijk leiderschap en een stukje alertheid creëren binnen het verpleegkundig team. Juist om goed werk te leveren, heb je elkaar nodig, moet je kunnen vertrouwen op elkaar. Sommige taken hoeven niet direct (door jou) opgepakt te worden en kan je dus prima delegeren of overdragen.

Als ik een ding heb geleerd binnen het ziekenhuis, is dat het een 24-uur bedrijf is. Binnen de dagdienst is het de bedoeling dat je je werkzaamheden probeert af te ronden, maar soms lukt dit gewoon weg niet. Dan is er de volgende dienst. En ga zo maar door. Binnen de thuiszorg is dit net wat anders, maar als het niet de nummer één prioriteit is en even kan wachten, dan denk ik dat je zeker wel je taken kunt overdragen. Denk aan je eigen gezondheid, want die is net zo belangrijk als die van je cliënten. Juist dit signaleren en hierop attenderen is zo belangrijk, het signaleren is stap één en er daadwerkelijk wat mee of aan doen is stap twee.

De casus heeft na een paar weken zelfs nog een vervolg. De student heeft namelijk alles besproken binnen de instelling. Hij kreeg begrip van zijn werkbegeleider. Wat er voor heeft gezorgd dat zijn werkbegeleider ook voor hém grenzen gaat stellen. De werkbegeleider spreekt hem er op aan wanneer hij langer dan noodzakelijk op kantoor blijft. Dit heeft zijn werkbegeleider ook aan het denken gezet. De student heeft deze casus binnen de intervisie les van school besproken en is door deze manier van bespreken ook tot nieuwe inzichten gekomen. Alle ballen hoog houden lukt niet altijd en het is ook de vraag of je dit wel wilt laten lukken. Soms is het nodig om even wat gas terug te nemen, grenzen te stellen én deze aan te geven. Vaak is het één stap terug zetten om weer twee stappen vooruit te zetten. Succes!

*De gehele casus is geanonimiseerd en de student heeft akkoord gegeven voor publicatie.

Een gedachte over “Je hoeft niet álles te doen

Geef een reactie