Doe dit alsjeblieft WEL wanneer jij mij begeleidt..

Doe dit alsjeblieft WEL wanneer jij mij begeleidt..

Leerlingen begeleiden.. Ik schreef al drie blogs over hoe het (volgens jullie) NIET moet. We kunnen deze serie echter niet afsluiten zonder een blog hoe het (volgens jullie) WEL moet. Het is eigenlijk al weer een tijd geleden dat ik schreef wat studenten vinden als het gaat om juiste begeleiding. Dus, ik vond het wel tijd om de andere punten te delen.

Als een stage begeleider dit… doet dan voel ik mij op mijn gemak/begrepen/comfortabel/goed begeleid. Ik vroeg het wederom op mijn instagram, en dit zijn de antwoorden:

  1. Ruimte geven om te leren en om fouten te maken

In de zorg werken mensen en wij mensen maken allemaal wel eens een foutje. Je werkt (neem ik aan) in de zorg om de beste zorg te leveren die jij kan leveren. En soms gaat dat wel eens gepaard met een foutje. Een foutje om niet alle spullen mee te nemen als je een kamer op gaat en dat je daardoor een paar keer heen en weer moet lopen. Dat de patiënt daar met een open wond ligt en aan het wachten is tot jij terug komt met het juiste verbandje. Of tot een foutje wat grotere gevolgen heeft. Deze kunnen zelfs nadelige gevolgen hebben voor de patiënt. Denk aan medicatie fout toedienen of vergeten, een buisje bloed vergeten af te nemen, etc.

Als student val je onder de verpleegkundige. Die is verantwoordelijk. Dit betekent voor mij dat ik de handelingen van een leerlingen altijd wil checken, kijken of de student de juiste prioriteiten stelt. Als het gaat om risicovolle handelingen (medicatie delen, drain verwijderen, etc.) is mijn streven om er altijd één keer bij over de schouder mee te kijken als zij dit al kunnen. Deze handelingen mogen de student in principe zelfstandig uitvoeren bij ons, als het drie keer is afgetekend. Als ik de student de handeling nog nooit heb zien uitvoeren, wil ik het altijd zelf nog even zien. Niet omdat ik de student niet vertrouw, maar omdat ik het zeker wil weten dat het goed gebeurd. Het is toch mijn verantwoordelijkheid. Voorbehouden handelingen (maagsonde inbrengen, katheteriseren, infuus prikken) moeten de studenten altijd onder begeleiding van een verpleegkundige uitvoeren. Binnen deze handelingen ligt zoveel verantwoordelijkheid, dat de verpleegkundige deze moet ‘controleren’. Zo wel risicovolle handelingen als voorbehouden handelingen mag je bij ons pas uitvoeren als je dit hebt afgetoetst op school.

Als wij het dan hebben om fouten te maken binnen dit kader, denk ik dat het gaat om de studenten ruimte te geven om na te denken, spulletjes te pakken en gedachten uit te wisselen voordat de handeling daadwerkelijk uitgevoerd wordt. En voordat je samen de patiënten kamer betreedt. Hiermee geef je de student ruimte om fouten te maken. Dat is niet erg. Wij – gediplomeerd verpleegkundigen –  moesten het ook allemaal leren. Als je als student dan goed het protocol doorgelezen hebt, maar toch iets vergeet, kan je tijdens de handeling (denk ik) prima bijgestuurd worden door een verpleegkundige. Gaande weg leert men, toch?

2. Samen verwachtingen bespreken en deze evalueren

De student maakt altijd een POP/PAP of startdocument. Hierin wordt de beginsituatie beschreven, de leerdoelen en dus het uiteindelijke niveau waar de student heen wilt groeien. Als dit niet besproken wordt en dus geen verwachtingen besproken worden, heeft de student ook niet een leerdoel om zich in te ontwikkelen. Het bespreken van verwachtingen zorgt er voor dat studenten zich op hun gemak voelen. Doen dus!

3. Feedback bespreken

In de ‘doe dit NIET’ blog kwam duidelijk naar voren dat roddelen niet kan en dat feedback geven waar anderen bij zijn (of helemaal geen feedback geven) ook niet gewenst is. Maar wat is dan goed? Misschien valt dit onder punt 2. Als jij bespreekt met de student wat hij of zij een prettige manier vind om aangesproken op te worden, dan kan je deze manier toepassen (indien gewenst) en op deze manier feedback geven. Als leerling vond ik het bijvoorbeeld heel fijn om direct mijn feedback te horen, maar wel op de gang, zodat de patiënt het niet kon horen. Dit kon soms niet altijd, maar ik vond het wel prettig als hier rekening mee werd gehouden. Als de feedback direct bij patiënten of andere verpleegkundigen werd besproken, kon dit mij namelijk onzeker maken. Nergens voor nodig, denk ik achter af, want iedereen leert. Maar, zo voelde ik mij toen wel.

4. Theorie vragen stellen

Studenten geven aan dat zij het prettig vinden dat er tussen de handelingen door theorie vragen worden gesteld. Denk bijvoorbeeld aan een sonde in brengen. Waarom meet je de sonde nu op? Waarom meet je de PH? Wanneer mag je beginnen met toediening van vloeistoffen over de sonde? Zij laten weten geprikkeld te worden tot nadenken tijdens een handeling. Ik denk dat dit ervoor zorgt dat een student niet klakkeloos een handeling doet, maar er echt over na denkt. Uiteindelijk kunnen we allemaal een kunstje leren, maar het gaat om de onderliggende laag. Waarom doe je een handeling? Wat voor gevolgen heeft die handeling? Wat zijn de complicaties?

5. Betrekken in overleggen

Studenten willen bij het team horen (logisch!). Betrek ze in overleggen over de afdeling, laat ze nadenken. Zo hebben wij een keer in de zoveel weken een dag evaluatie waarin het verbeterbord wordt besproken. Een leerling kwam een keer met een super goede suggestie om een punt in te brengen en heeft hierdoor veel collega’s hun manier van werken doen laten inzien. Studenten horen ook bij het team. Zij nemen de frisse wind mee, de nieuwe expertise. Zij zijn kritisch over ons handelen en kunnen dit signaleren. Soms zitten we zo vast geankerd in onze patronen, dat wij – gediplomeerd verpleegkundigen – die patronen niet in zien. Juist door studenten te betrekken in het team kan het team kwalitatief verbeteren en wordt het alleen maar gezelliger!

6. Interesse tonen

Vraag je leerling hoe het gaat. Hoe zij of hij zich voelt. Waar hij of zij gelukkig van wordt en welke manier van begeleiden hij of zij prettig vinden. Wij vinden waardering belangrijk. Dat zie je nu ook met de hele corona crisis. Wij voelden, en misschien voelen, ons niet gewaardeerd als wij zouden willen. De zorg was een ondergeschoven kindje en er ging weinig aandacht en geld (salaris) naar toe. Tot de laatste weken dan.. Maar, als wij dit gevoel hebben, dan hebben leerlingen dat ook. Zij stappen immers in een nieuw beroep in en willen zich daarmee identificeren. Hoe fijn is het dan dat zij waardering voelen van hun begeleider, dat er interesse in hun wordt getoond.

7. Aanmoedigen om grenzen te verleggen

Hier moest ik wel over nadenken toen ik het las. Een student schreef dat zij gemotiveerd werd door een PEP-talk. Dat je laat zien dat je in een student gelooft, opbouwende feedback geeft en complimenten uitdeelt. Ik moest nadenken.. Want, dit vind iedereen fijn toch? Zullen we het dan tijdens het leerlingen begeleiden alsjeblieft niet vergeten.

8. Als ik iets zelfstandig kan, mij dat laten doen

Dit gaat dan denk ik om punt 1 en dan de risicovolle handelingen. De studenten vinden het niet prettig als er continu over hun schouder wordt meegekeken. Dat begrijp ik. Dat vond ik ook niet. Dit gaf mij namelijk het idee dat ik het niet goed genoeg deed en hierdoor was ik bang om fouten te maken. Best grappig. Want nu vind ik samenwerken juist super fijn en sta ik helemaal open voor de feedback van mijn collega. Ik denk dat je hierin groeit en ik snap dus volkomen dat je dit als student niet prettig vind. Geef het aan, bespreek het. Dan komen we gelijk weer op punt 2.

9. Niet voor het blok zetten

Soms is dit echter wel nodig. Niet continu. Maar, zelfvertrouwen groeit door dingen te doen. En als je het niet doet, dan is een klein duwtje soms wel nodig. Dan zie je dat je het wel kan. Maar dit kleine duwtje kan denk ik alleen maar gegeven worden als je er echt klaar voor bent. En je ‘pushen’ om iets te doen is niet fijn. Zie de positieve kant hiervan in. Diegene die jou begeleiding geeft, die denkt dat je het kan. Nu jij nog!

10. Stage opdrachten begrijpen

Oef. Dit is echt een taak voor de studenten begeleider van de afdeling, niet zo zeer een verpleegkundige die studenten begeleidt. Natuurlijk moet je als verpleegkundige wel weten waar je student mee bezig is, maar bij ons worden de opdrachten nagekeken door een verpleegkundige die gespecialiseerd is in studenten begeleiden. Ik denk dat dit wel echt meer waarde geeft. Hierdoor weet zij tot in de puntjes waar aan je moet voldoen en kan je altijd even langslopen.

Loop jij tijdens je stage ergens tegen aan? Bespreek het met je instellingsdocent van school en met je begeleiders. Heb ik nog wat gemist in deze blog? Laat het mij weten!

De studenten aan het woord: “Als jij mij begeleidt, doe dit dan NIET!” – Negatieve manier van omgang

De studenten aan het woord: “Als jij mij begeleidt, doe dit dan NIET!” – Negatieve manier van omgang

Een tijdje geleden vroeg ik op mijn instagram: “Als mijn stagebegeleider …. doet dan voel ik mij NIET op mijn gemak en/of comfortabel en/of goed begeleid.”

Wat is dat …. dan? Wat zien jullie graag? Een heleboel antwoorden kwamen mijn richting op en ik probeer ze voor jullie samen te vatten. Want, hier kunnen wij van leren. Wij als verpleegkundigen om de verpleegkunde studenten beter te kunnen begrijpen, en hiermee te begeleiden. Jullie als leerlingen. Ik wil jullie namelijk ook een boodschap meegeven. Als je iets moeilijk, lastig, ingewikkeld, etc. vind, hoe geef je dit dan aan? Op welke manier komt het niet ‘aanvallend’ over, zit jij je eigen leerproces niet in de weg en beïnvloed jij je uiteindelijke stage oordeel niet in de negatieve zin.

In deze blog-serie van wat je NIET moet doen tijdens het begeleiden van studenten zal ik in gaan om drie hoofdlijnen die studenten hebben aangegeven niet fijn te vinden: 1) negatief praten over de student, 2) geen tijd nemen voor de student en 3) om een vervelende manier met de student om gaan. Heb je een negatieve ervaring en wil je die graag delen met iemand, maar heb je het idee dat jij er op je stage niet uitkomt? Bespreek dit dan met de begeleidend docent van school. Misschien heeft hij of zij wel handvatten voor jou om de situatie op een goede manier te kunnen aanpakken.

In deze blog neem ik je mee wat studenten vinden dat op een vervelende manier met de student omgaan inhoud. Dit betekent dat ik voorbeelden die via instagram zijn ingezonden deel. Hier komen 10 punten (in willekeurige volgorde) die je NIET moet doen als je op een fijne manier wilt omgaan met een student:

  • Pesten

Het klinkt zo logisch, maar blijkbaar wordt het nog veel gedaan. Ik kreeg berichtjes met het bericht dat studenten soms worden buiten gesloten. Van afdelingsuitjes, maar ook van gesprekken. Dat studenten soms worden genegeerd en dat er in het ergste geval net gedaan wordt of iedereen de student niet hoort. En dat de verpleegkundigen soms ook heel veel zuchten als een student aan het werk is. Ik schrik ervan als ik dit lees. Wat lijkt mij dit erg als je dit mee maakt tijdens je stage periode.

  • Afspraken niet nakomen

Studenten geven aan dat sommige stagebegeleiders gemaakte afspraken niet nakomen. Hierdoor lopen zij vast in het stage proces. Ook reageren sommige verpleegkundige niet op mailtjes en zeggen verpleegkundigen dat zij feedback zullen geven, maar doen zij dit uiteindelijk niet. Het is voor studenten een gevecht om weer een afspraak te maken, weer een mail te sturen of weer te vragen om die feedback. Op den duur gaan zij met buikpijn naar hun stage toe.

  • Niet naar de student omkijken terwijl de student hard aan het werk is

De student doet zijn of haar stinkende best en er wordt gewoon niet op de student gelet. Er wordt geen feedback gegeven, dus er vind geen leermoment plaats. En, hierdoor is er ruimte voor onveilige situaties. Studenten behoren altijd begeleiding te krijgen conform het niveau van de opleiding en het opleidingsjaar. En daarnaast is het ook fijn om een compliment te krijgen over jouw werkzaamheden, zodat je weet dat je goed bezig bent. Dit krijgt de student op deze manier ook niet.

  • Constant over de schouder meekijken bij de student

Het omgekeerde vind natuurlijk ook plaats. De begeleidend verpleegkundige kan ook doorslaan en de student in alles willen controleren. Ergens hier tussen in zit de gouden middenweg. En deze gouden midden weg is voor elke student en verpleegkundige anders. Dat is denk ik een moeilijk aspect aan het begeleiden van (verpleegkunde) studenten. Het constant meekijken over de schouder van de student, geeft de student vaak het gevoel dat hij of zij het niet goed genoeg doet. En daarnaast zorgt dit er soms voor dat de verpleegkundige taken overneemt en dat de student niet kan laten zien wat zij wil gaan doen of bedacht had.

  • De student zien als een werknemer in plaats van een student

Er is een tekort in de zorg. Maar, dat kunnen we niet opvullen door studenten in te zetten. De uitloop in de zorg is momenteel groter dan de nieuwe verpleegkundigen die er jaarlijks bijkomen. Juist door de studenten warm te maken voor het vak en een fijne stage periode te geven, kunnen wij verpleegkundigen ervoor zorgen dat we deze studenten binden. Binden aan de instelling waar je werkt, de afdeling, of in de breedste zin het werken in de zorg zelf. Dit doen we niet door hen niet als boventallig te zien. Want, studenten zijn er om te leren en dit betekent dat zij niet boventallig worden ingezet.

  • De student betuttelen

Oh die gouden midden weg weer. Studenten vinden het niet prettig om te los gelaten te worden, maar ook niet om constant gecontroleerd te worden. En dan komt het erbij dat sommige studenten het ook nog eens heel vervelend om betutteld te worden. Als verpleegkundige die een student begeleid is het dus heel belangrijk om na te gaan wat de leerstijl is van de student die jij begeleid. En als student is het dus ook belangrijk om jouw leerstijl (in bijvoorbeeld je POP/PAP en start document) goed uit te werken.

  • Hoge verwachtingen hebben

Verwachtingen hebben naar aanleiding van de opleiding. En dan het onderscheid maken tussen HBO-V en MBO-V. Studenten kunnen hier onzeker worden. Enerzijds doordat zij worden gezien als ‘maar’ MBO-V, of verwachten dat zij aan hoge standaarden moeten voldoen omdat zij HBO-V zijn. Hiernaast kan de verpleegkundige er vanuit gaan dat studenten alles wel een keer gedaan hebben en hierdoor de verwachtingen groter maken. En die verwachtingen kan de student dan (niet gelijk) waarmaken.

  • Geen interesse hebben in de student

Ook studenten vinden het fijn om te praten over hoe het met hen gaat. Ook studenten hebben een leven, zij hebben ook een gezin, vrienden en naast hun studie (hopelijk) een sociaal leven. ‘Hoe gaat het met je?’ of ‘Hoe was je vakantie?’ is iets wat studenten ook leuk vinden om te horen.

  • De student pushen

Sommige studenten, dan komen we weer op de leerstijl, zijn geen doeners, maar bijvoorbeeld denkers. De student iets laten doen omdat de verpleegkundige denkt dat de student er aan toe is, terwijl hij of zij het nog echt niet denkt te kunnen is dan funest voor hen. Zij bouwen zelfvertrouwen op door eerst een paar keer mee te kijken en het dan pas zelf te doen.

  • De student streng beoordelen

Elke school heeft wel bepaalde regels waar de student aan moet voldoen. Als verpleegkundige moeten wij de student dan ook hierop, volgens de richtlijnen van dat leerjaar en de stage periode, beoordelen. Te streng beoordelen kan ook een deuk creëren in het zelfvertrouwen van de studenten.

Tip voor de student:

Als er op een vervelende manier wordt omgegaan met jou binnen jouw stage of werkplek, is dit heel lastig om mee om te gaan. Je hebt rekening te houden met de groepsdynamiek, de teamcultuur en daarnaast ook nog jouw stage voortgang. Als het goed is wordt je vanuit school begeleidt door een docent. Probeer het eens met de docent te bespreken. Ziet de docent het ook op deze manier? Heeft de docent tips om de punten waar je tegen aan loopt te bespreken? Lukt het bespreken met deze docent niet? Dan is er vast een andere docent, je studie loopbaan begeleider, de vak verantwoordelijke docent of zelfs de decaan, die je wel kunt helpen. Ga alsjeblieft niet bij de pakken neer zitten omdat er negatief gepraat wordt in een team. Houd in je achterhoofd dat dit niet het team is waar jij later in zal werken en dat andere teams anders zijn (kijk maar naar mijn team 😉). Heb jij het idee dat jij er op een ‘volwassen’ manier met iemand over zou willen en kunnen praten, pak het dan op door de regels van feedback geven aan te houden. Succes!