Meneer Sassenheim – deel 1 – gegevens verzameling

Meneer Sassenheim – deel 1 – gegevens verzameling

Side note: De gehele casus is aangepast met fictieve namen. Ook is er rekening gehouden met het kort en bondig schrijven. Hierdoor is de casus niet te uitgebreid beschreven, is er af en toe informatie weggelaten en soms fictief wat informatie toegevoegd.

Ambulance & SEH

Meneer Sassenheim werd 16 september 2021 gevonden op straat nadat hij in elkaar was gezakt. Omstanders hebben geholpen hem weer op de been te krijgen, maar er was geen contact met hem te maken. Hierop heeft een omstander direct 112 gebeld. De vriend van meneer Sassenheim vertelde aan de ambulance verpleegkundige dat zij een visje aan het eten waren bij het winkelcentrum en dat er niets opmerkelijks aan de hand was met zijn vriend.

Op de spoedeisende hulp (SEH) aangekomen werd er een onderzoek verricht. De verpleegkundigen en artsen daar observeerde een bleke en transpirerende man met een EWS score van 7 op basis van een ademhalingsfrequentie van 25 (2 punten), zijn irreguliere hartslag van 230bpm (3 punten), het enkel reageren op aanspreken (V) (1 punt) en een ongerust gevoel (1 punt). Ook werd er een EMV-score afgenomen (score 12, matig hersenletsel) en werd er verder onderzoek ingezet zoals een CT-schedel, ECG, bloedonderzoek en lichamelijk onderzoek. Voor de casus zijn enkel de belangrijkste punten beschreven. Deze zijn ook terug te lezen in tabel 1.

UiterlijkBleek en transpirerend
Vitale controlesRR 165/93 mm Hg Hartslag 230bpm (irregulair) Saturatie 95% zonder zuurstof Temperatuur 36.6 Ademhalingsfrequentie van 25   Hierop werd de EWS afgenomen met een score van 7. Klik hier.

Ook werd een ECG gemaakt.
AVPUDhr. reageert op aanspreken (V). Meer informatie? Klik hier.
EMVEyes (3), Motorisch (5), Verbaal (4) = score 12. Interpretatie hierbij is matig hersenletsel. Klik hier.
CT-schedelWitte en regelmatige vlek langs de rand van de hersenen en het schedelbot. Interpretatie hierbij is subduraal hematoom. Klik hier.
BloedonderzoekINR 1. Klik hier.
Lichamelijk onderzoekWondje op handen en knieën, naar het hart en de longen werd ook geluisterd (zie verdere casus voor uitwerking)
Glucose8.5 mmol/l. Klik hier.
Tabel 1: Korte samenvatting van de onderzoeken op de spoedeisende hulp

Op de SEH werd er ook medicatie gegeven. Zo werd er adenosine gegeven. Dit medicijn wordt gegeven als voor een snelle conversie naar een normaal sinusritme van paroxismale supraventriculaire tachycardie bij volwassenen en kinderen. Dit middel wordt vaak op de SEH gegeven om te kijken wat voor ritmestoornis het kan zijn. Klik hier voor meer informatie.*

Ook werd er amiodaron gegeven. Dit verlaagt de versnelling van de hartslag. Dit medicijn wordt gegeven om het hart langzamer en regelmatiger kloppen. Bij hartritmestoornissen, bijvoorbeeld boezemfibrilleren. Ook om ritmestoornissen te voorkomen. Klik hier voor meer informatie.*

*Aangezien de medicatie medisch is en deze casus vanuit een verpleegkundig oogpunt geschreven is, wordt er niet verder ingegaan op de medicatie.

Opname CCU/IC – anamnese

Hierna is besloten meneer op te nemen op de Cardiac Care Unit (CCU) en Intensive Care (IC) afdeling. Dit betekent dat dhr. de aankomende dagen goed gemonitord kan worden. Hierop werd besloten om meneer nuchter te houden. Er zou eventueel een cardioversie plaats kunnen vinden.

Op 17 september 2021 zorgt verpleegkundige Tineke voor meneer Sassenheim. Meneer Sassenheim heeft op dat moment een volwaardige EMV score, ligt aan de continue monitoring en er is een goed gesprek met meneer te voeren. Tineke besluit wat extra informatie te vergaren, omdat het haar nou niet helemaal duidelijk is wat er precies bij het winkelcentrum is gebeurd. In het systeem is nog geen volledige anamnese te vinden, dus gaat zal Tineke via de methodiek van Gordon wat meer informatie ophalen. Voordat Tineke de anamnese in gaat, gaan de vier basisvragen van klinisch redeneren door haar hoofd.

  • Diagnostische vraag: Wat is er aan de hand met mijn patiënt?
  • Etiologische vraag: Waardoor komt dat?
  • Prognostische vraag: Wat denken we te kunnen bereiken, hoe loopt het af?
  • Therapeutische vraag: Wat kunnen we er aan doen? (Dobber, 2021)

Tineke heeft alle patronen van Gordon doorlopen, hieronder een paar korte relevante zaken die Tineke tijdens de anamnese zijn opgevallen. Hier komen dus niet alle doorlopen patronen in naar voren.

Meneer Sassenheim geeft aan dat hij zijn gezondheid als zeer goed zou omschrijven, tot aan het moment dat hij door de ambulance werd opgehaald (zelfbeleving). Hij is een man van 60 jaar, woont sinds een paar jaar in de flats boven het winkelcentrum  (gezondheidsbeleving en instandhouding). Maar, de laatste tijd heb ik toch wel wat last van duizeligheid en vermoeidheid verteld meneer Sassenheim. Hij is hiervoor naar de huisarts geweest en heeft bloed laten afnemen. Het feit dat hij naar de huisarts moest gaan vond hij lastig, want hij komt er niet graag (gezondheidsbeleving en instandshouding). Dit komt doordat zijn vrouw enkele jaren geleden is overleden (rollen/relaties) waarna hij het verschrikkelijk vind om een huisarts te bezoeken (stressverwerking). Als Tineke doorvraagt komt dit eigenlijk doordat meneer Sassenheim bang is om te overlijden (stressverwerking). Hij geeft aan dat hij nog jaren wilt leven en niet het idee heeft dat het zijn tijd al is. Hij wilt nog genieten van het leven en niet aan de dood denken (waarden en geloofsovertuiging).

Op de vraag wat er nou precies gebeurd is geeft meneer Sassenheim het volgende antwoord. Dit is meneer zijn redenatie waarom hij op straat is neergevallen. Meneer laat weten dat hij met een vriend een visje is gaan eten. Er konden drie dingen gebeurd zijn. Zie tabel 2 voor de redenatie van meneer Sassenheim.

1De afgelopen tijd is hij duizelig als hij op staat en moet dan even de pas op de plaats maken voordat hij verder loopt. Zou dit er voor gezorgd hebben dat hij is gevallen? Hiervoor had hij een paar weken geleden ook bloed laten prikken. Uit dit onderzoek was niets gekomen (gezondheidsbeleving en instandhouding).
2Sinds een paar maanden wordt meneer bedreigd. Hij verteld uitgebreid over het vooral en het feit dat dit hem heel veel angst en soms ook hartkloppingen bezorgd. Dit zorgt er dan ook weer voor dat hij zich benauwd voelt. Hij kan er dagelijks aan denken en het vooral beïnvloed de afgelopen weken zijn leven ook echt (zelfbeleving, rollen en relaties, stressverwerking).
3In 1980 is hij een keer opgenomen geweest omdat zijn hart het niet goed zou doen. Hij is toen naar de SEH van een klein ziekenhuis gegaan. Hier hebben de verpleegkundigen en artsen hem medicatie gegeven, waarna al snel weer ontslag volgde omdat de gegevens op de monitor goed waren (gezondheidsbeleving en instandhouding).
Tabel 2: De redenatie van meneer Sassenheim

Meneer geeft aan zich nu goed te voelen en hoopt zo snel mogelijk weer naar huis toe te kunnen (zelfbeleving). Hij is liever thuis dan in het ziekenhuis. Ook mist hij zijn dagelijkse krant. Tineke besluit de contact persoon van meneer Sassenheim te bellen en vraagt tijdens dit gesprek of hij een krant en wat schone kleding kan meenemen. Hierna zoekt zij een computer op om zich verder in te lezen in de casus.

Lees verder in deel 2.

De casus die mij voor altijd bij zal blijven

De casus die mij voor altijd bij zal blijven

Ik was leerling op een palliatieve oncologische verpleegafdeling in een universitair academisch ziekenhuis. Het was weekend en de dag ervoor was er een jonge vrouw van rond de 30 opgenomen. Ze kwam uit Australië en was aan het rondreizen door Europa. Dat was haar laatste wens en die liet ze uitkomen. Ze was pas een paar weken onderweg met haar vriend en voelde zichzelf dagelijks zieker worden. Buikpijn, misselijk, verminderde kwaliteit van leven. En juist in die palliatieve fase is kwaliteit van leven zo belangrijk. Voor haar was dit haar laatste wens laten uitkomen. Reizen door Europa.

Zonde was het dat ze noodgedwongen opgenomen moest worden in een buitenlands ziekenhuis. Ver weg van haar familie en geliefden. En elke dag dat ze opgenomen was, ging het waarmaken van haar laatste wens steeds verder van haar af staan.

Mijn leerdoel die dag was het coördineren van vier patiënten. Zij was er daar één van. En niet zo maar een uit vier, maar één die mij voor altijd bij zal blijven. Ik neem jullie mee met de casus die op mijn netvlies zit gebrand en de casus die mij altijd bij mij zou blijven.

Note: deze casus heeft in 2015/2016 plaatsgevonden. Het kan zijn dat ik sommige informatie niet meer helemaal goed weet en dus niet meer goed kan vertellen.

In de dagdiensten deelde we op die afdeling de ochtendmedicatie en voerde wij de controles uit. In het weekend mogen de patiënten rustig aan opstarten. Ze hebben dan de mogelijkheid om iets langer uit te slapen, want de dokter komt niet al om negen uur langs het bed en enkel spoedpoli’s en spoedonderzoeken vinden plaats op de zaterdag en zondag. Deze mevrouw was echter al een paar uur wakker. Ze lag niet comfortabel in bed en had de energie niet om enige actie te ondernemen. Wat haar voorgeschiedenis precies was weet ik niet meer. Wat ik wel weet is dat de kanker door heel haar lichaam zat en de opname gericht was op klachtvermindering, zodat ze weer verder kon reizen. Pijnmedicatie werd ingesteld, anti misselijkheidsmedicatie werd gegeven en zakjes om de ontlasting op gang te brengen werden door haar ingenomen. Juist doordat zij wat zwakker was deze ochtend besloot ik in overleg met haar vriend de ochtendzorg uit te stellen tot een uurtje of negen.

Om negen uur kwam ik de kamer binnen. Ze was wat uitgerust en zat aan het ontbijt. We spraken over reizen. De Europa reis die ze gemaakt had (of aan het maken was..). De reis die ik had gepland na mijn afstuderen door Australië.  We praatten over Australië en het contrast met Europa. De natuur, het openbaar vervoer, de ziekenhuizen. Ze was rustig, vermagerd en zo aardig. Haar bruine ogen keken mij aan als we aan het praten waren en haar vriend deed mee aan het gesprek. Er leek een moment plaats te vinden waarop zij even niet hoefde te denken aan haar ziekte. Ik sprak af om zo terug te komen, dan kon zij haar medicatie innemen. Haar vriend ging in de tussentijd even naar de hotelkamer toe. Spulletjes halen, opfrissen, omkleden.

Om kwart over negen liep ik over de gang van de verpleegafdeling. Ik hoorde geklop op een nachtkastje. Het kwam uit de kamer van mevrouw. Ze had een afstandsbediening vast in haar rechter hand en klopte daarmee op het nachtkastje. Uit paniek, met pure angst in haar bruine ogen die mij net nog zo vriendelijk aankeken. Wat ik zag? In eerste instantie die angst in haar ogen, het happen naar adem, het gebruik van de hulp ademhalingsspieren en de medicatie die voor haar stond. In mijn eerste ingeving dacht ik aan verstikking in een tablet. Ik drukte zo snel mogelijk op de noodbel en begon de heimlich klappen uit te voeren. Geen resultaat. Hierna de heimlich greep. De ademweg bleef verstopt. Lucht kwam niet binnen. Ademen lukte haar niet. Mijn collega’s kwamen binnen. Al snel werd er een bloeddrukmeter gehaald, een saturatie meter en belde ik de dienstdoende arts op. Het leek een eeuwigheid te duren voordat er hulp de kamer in kwam. De drie verpleegkundigen in de kamer wisten ook geen raad met de situatie. Niet door onkunnen, maar juist doordat ze handelde volgens elke richtlijn, volgens elk protocol en dit niet hielp. Er kwam geen lucht binnen. Ze stikte. De saturatie daalde, ondanks de zuurstof. Haar vingers werden kouder. De angst in haar ogen bleef staan.

Dit is een jonge vrouw die veel te vroeg aan het sterven is. Ik pakte haar hand, voelde haar pols die steeds zwakker aan het worden was. Wat zou ik willen in deze situatie? Als ik zou sterven in een land waar ik de taal niet begrijp, zo ver weg van huis, zonder mijn geliefden om mij heen? Ik pakte haar hand en probeerde haar gerust te stellen. Dat we haar zoveel mogelijk hielpen, dat hulp onderweg was en dat we zouden zorgen dat ze van alles zo min mogelijk zou meekrijgen.

De dienst doende oncoloog had onderweg de KNO-arts opgeroepen en samen kwamen ze de kamer binnen. Wij waren niet begonnen met reanimeren, omdat de patiënt die nadrukkelijk niet meer wilde en dit daarom zo was vastgesteld in het systeem. Alle handelingen waren nu gericht op een zo’n comfortabel mogelijke dood. Acute terminale zorg in de stervensfase. De KNO arts keek met een slangetje met een lichtje en een camera in de ademweg van de patiënt. Er zat geen pilletje vast in de bovenste luchtwegen, terwijl obstructie wel hun eerste werkdiagnose was. Alle comfortverhogende handelingen werden uit de kast getrokken. Ik weet niet mee precies wat de artsen en verpleegkundigen deden, maar alles was gericht op haar comfort. De saturatie daalde van 80% naar 70%, haar pols verzwakte. Zuurstof kon er niet tegen op. Daar stonden we dan met drie verpleegkundigen, de oncoloog, zijn assistente, de KNO-arts en ik. Aan haar bed. Met zijn zevenen. En allen konden we niets anders doen dan haar laten sterven. Ze had haar ogen dicht gedaan en ademde diep in en uit. Ze was de rust zelve geworden. Ik hield nog steeds haar arm vast en sprak haar toe.

En zo is deze jonge Australische vrouw overleden in mijn handen, terwijl iedereen in de kamer zijn uiterste best deed. Met een zo hoog mogelijk comfort is ze heen gegaan. Daar lag zij dan. Zo hard gestreden met haar vermagerde lichaam en dan overlijden in Nederland.

De uren hierna ging het om haar lichaam wassen, netjes neerleggen, familie ter woord staan en met mijn collega’s heel veel huilen. Ik wilde alles zelf doen. Vond dat ik dit moest doen als vierdejaars. Dacht dat het zou helpen bij de verwerking. Het hielp, ik leerde ervan. Maar ik zou de situatie ook nooit meer vergeten. Ze is overleden in mijn handen.

Heb jij ooit ook zo’n situatie meegemaakt? Praat met de mensen om je heen. Je collega’s, je familie, je vrienden. Ik heb van deze situatie geen slapeloze nachten gehad. Ik heb het besproken met mijn familie en vrienden. Hierna kon ik het naast mij neer leggen, maar deze casus is mij altijd bijgebleven.