Duaal studeren de 10 voor- en nadelen op een rij

Duaal studeren de 10 voor- en nadelen op een rij

Ik heb er al vaak wat over geschreven in de vorm van een blog op mijn website, in een post op mijn Instagram of in het hulpboek: ‘Hoe overleef ik mijn stage?’. Duaal (HBO) of BBL (MBO) studeren is eigenlijk studeren terwijl je als student een dienstverband hebt in een instelling. Dit betekent over het algemeen dat de instelling jouw studie en boeken betaald, je uitbetaald als werknemer (meer dan een stage vergoeding) en jij als student elke dienst wordt ingezet. Vaak werk je 24 uur op de werkvloer en ga je 8 uur naar school. Je krijgt dus uitbetaald naar 32 uur, hebt vaste schooldagen en die 24 uur kan je onregelmatig ingedeeld worden. Ook ik ben duaal student geweest en ik vond het geweldig. In een korte tijd leerde ik veel, ik heb echt het idee dat ik een stuk volwassener ben geworden tijdens deze periode en mijn verdiende geld kon ik allemaal sparen doordat ik thuis woonde. Uiteindelijk heb ik dit allemaal uitgegeven in een wereldreis en ik zou het zo weer doen! Zowel het duaal studeren, maar ook die wereldreis!

Ik kan mij zo voorstellen dat als jij in het tweede leerjaar van verpleegkunde voor de keus staat om eventueel duaal / BBL te gaan studeren, dat je graag zowel de voor- als nadelen van deze beslissing op een rij wilt zetten. Om die reden heb ik, met behulp van reacties die ik binnen heb gekregen op Instagram, de 10 voor- en nadelen van duaal / BBL studeren voor jou op een rij gezet! Deze blog is echt puur gebaseerd op mijn ervaringen als verpleegkundige en jullie inbreng vanuit Instagram.

Voordelen

  1. Op stip op nummer één staat de beloning in de vorm van salaris. Het staat niet gelijk aan het salaris wat jij gaat verdienen als verpleegkundige (niet dat dat zo’n vet pot is… klik hier voor meer), maar het is wel meer dan die armzalige stagevergoeding. Dit maakt dan ook dat je geen bijbaan nodig hebt en niet én stage moet lopen én moet werken om rond te komen.
  2. Meer verantwoordelijkheden waardoor praktijk gestuurd leren meer voor de hand ligt dan een schoolboek erbij pakken. Je leert terwijl je werkt en kan naderhand nog de boeken induiken indien dit gewenst is.
  3. Doordat jij een langere tijd onregelmatig op één afdeling werkt en binnen één instelling behaal je waarschijnlijk een groter leerrendement dan bij een voltijd stage.
  4. Op je CV bouw je meer werkervaring op! Dit betekent niet dat je na het behalen van je diploma direct al twee werkjaren hebt opgebouwd indien je twee jaar duaal hebt gestudeerd, maar het staat toch voor meer werkervaring dan een voltijd stage!
  5. Doordat je sneller zelfstandig wordt ingezet en zelfstandig je patiënten coördineert, zal je ook sneller een onderdeel van het team worden. Ik vind dit persoonlijk niet helemaal waar, want elke student dienen we met open armen te ontvangen, maar dit werd toch vaak geschreven op Instagram!
  6. Punt 5 zorgt ervoor dat je sneller zelfstandig leert te werken, de ervaring leert dat je eerder losgelaten wordt als duaal student.
  7. De duale plekken bevinden zich in allerlei sectoren, waardoor jij kunt solliciteren in het werkveld waar je interesse ligt. Dan sta je met het behalen van je diploma al 1-0 voor.
  8. Je bent eerder bekend binnen de organisatie (bv het ziekenhuis) waardoor je op een volgende werkplek (bv andere afdeling) sneller bent ingewerkt. Hop, dat scheelt al een hoop in het inwerktraject en zorgt ervoor dat punt 5 en 6 ook eerder binnen handbereik zijn.
  9. Indien je duaal studeert, blijkt je meer mogelijkheden te hebben om cursussen binnen de instelling te volgen.
  10. Aangezien je als duaal student ook vakanties doorwerkt en deze soms iets rustiger zijn wat betreft opnames, kan je eerder de mogelijkheid hebben om mee te kijken bij ingrijpen en onderzoeken. Dat is tof!

Nadelen

  1. Op gedeelde eerste plek staat het hebben van minder vakanties dan de voltijd (HBO) of BOL (MBO) variant. Je hebt gewoon een X aantal vakantie dagen en daarmee weken die jij vrij mag inplannen, wat inhoud dat je geregeld doorwerkt als je klasgenoten vakantie hebben. Aan de andere kant, als de lessen dit toelaten, kan je wel buiten de vakantie op vakantie. Elk nadeel heb z’n voordeel 😉
  2. De andere gedeelde eerste plek is juist het onregelmatig werken. Een voltijd of BOL student op een leerwerk-plek (leerunit) kan dit ook hebben, maar dan onbetaald. Als duaal / BBL student krijg je natuurlijk wel ORT. Dit houd dus in dat je dag-, avond- en nachtdiensten werkt in een variërend rooster.
  3. Terwijl de voltijd studenten geen stage lopen tijdens de minor periode, loop je als duaal student wel stage. Naja, je werkt. Tijdens de afstudeerperiode ook, maar dan lopen de meeste voltijd studenten ook stage. Dit kan per school en per niveau (MBO/HBO) verschillen.
  4. De verpleegkundigen kunnen je als duale / BBL student eerder zien als een werknemer dan als student. Dit maakt dat je goed je grenzen moet aangeven en hierdoor sterk in je schoenen moet kunnen staan of bereid bent dit te leren. De studie verpleegkunde is al zwaar, laat staan als er een grote verantwoordelijkheid op je rust.
  5. Doordat je onregelmatig werkt en indien je dit aankunt ook alleen op patienten wordt gezet, heb je minder tijd om te werken aan de studie. Vaak wordt er een x aantal uur afgesproken wat (voltijd / BOL) studenten mogen besteden tijdens de dagdiensten of in de week aan de studie, voor duaal / BBL studenten gelden er andere regels.
  6. Ja je kunt je favoriete sector uitkiezen en hier gaan werken als duaal / BBL student, maar dit kan er ook voor zorgen dat je oogkleppen op hebt en de andere sectoren over het hoofd ziet. Je gaat hier immers niet meer stage lopen. Dit is bij mij gebeurt en ik denk dat ik het super had gevonden om nog een extra stage in het verpleeghuis, GGZ of de thuiszorg te hebben als vierdejaars. Dan kan je immers zoveel meer dan in je eerste jaar wanneer je hier vaak wordt ingedeeld.
  7. De grootste valkuil is denk ik wel om te snel in de werkmodus schieten in plaats van de studentenmodus. Je bent wel op de afdeling om competentiegericht te laten zien wat je kunt, onthoud dat!
  8. Studententijd kan door punt 1 en 7 sneller voorbij zijn; door minder vakantie vrij te zijn en sneller die werkmodus in te schieten, kan het aanvoelen alsof je studententijd voorbij is.
  9. Als duaal student dien je vaker op te komen voor je eigen leerproces doordat je bijvoorbeeld alleen ingedeeld wordt terwijl je dit nog niet wilt of dat het juist fijn is als er iemand mee kijkt, zodat jij weer leert van opbouwende feedback.
  10. De laatste, maar misschien wel de meest gehoorde als docent is het vinden van de balans tussen werken, leren en sociale activiteiten. Deze is soms lastig te vinden. Bij duale studenten is de kans misschien groter dat je uit balans raakt.

Ik ben benieuwd. Zijn alle voor- en nadelen juist op papier gezet? Mis jij er nog een paar of vind jij een voordeel juist een nadeel (of andersom). Laat het mij weten!

Aantal patiënten per dienst

Aantal patiënten per dienst

Ik hoor het vaak dat een dienst vergeleken wordt tussen verschillende afdelingen of ziekenhuizen met het aantal patiënten waarvoor gezorgd wordt. Dit kan echter niet. Je kunt een appel ook niet met een peer vergelijken toch? Of in verpleegkundige termen… de samenstelling en werking van augmentin is anders dan paracetamol.

  • De ene patiënt is de andere patiënt niet. Denk aan voorgeschiedenis, waardoor er misschien een communicatieprobleem kan ontstaan zoals langzaam moeten praten, dat de patiënt niet kan praten maar moet schrijven of dat de patiënt slechtziend tot blind is. En dan hebben we de behoeftigheid in ADL nog geen eens besproken.
  • Het ene specialisme is het andere specialisme niet. Op de chirurgie verricht je andere handelingen dan op de interne afdeling. Een operatie halen kost veel tijd, maar iemand prikken die super slechte vaten heeft ook.
  • Het ene ziekenhuis is het andere ziekenhuis niet. Zo is bijvoorbeeld in het Erasmus MC super veel geautomatiseerd en gedigitaliseerd zoals het transport van patiënten, het afnemen van de bloeddruk waarden, het aanhangen van packed cells, het verwisselen van bedden en ga zo maar door (buizenpost nog geen eens besproken). En in het Beatrixziekenhuis moet dit dus allemaal met papier of telefonisch gebeuren. Er is niet direct een tweede check beschikbaar of de telefoon wordt niet direct opgenomen.
  • De ene afdeling is de andere afdeling niet. Elke afdeling heeft een eigen ritme en eigen gebruiken. Zo kan op de ene afdeling de nachtdienst de medicatie van de ochtend nog uitzetten en de eerste opnames opnemen en de andere afdeling daar begint de dagdienst met de pillen en de eerste opname naar OK brengen. Wat dacht je van het tijdstip van controles? De manier van artsenvisite lopen en ga zo maar door.
  • De ene afdelingssecretaresse is de andere afdelingssecretaresse niet. Zo had ik op de chirurgische afdeling een secretaresse die alles tot in de puntjes deed en al gedaan had voordat ik het kon praten. Dat ben ik ook anders gewend. Nabellen, blijven navragen en het uiteindelijk zelf moeten doen.
  • De ene verpleegkundige is de andere verpleegkundige niet. Naja. Zo bedoel ik het niet. In het ene ziekenhuis heb je bijvoorbeeld meer taakgericht handelen waarbij de verpleegkundige geen bloed afneemt en strikt geen eten naar de patiënt toe brengt en in het andere ziekenhuis doet de verpleegkundige alles. Dit kan ook per afdeling verschillen heb ik geleerd.

Bizar hè hoeveel zaken anders kunnen zijn. Met precies dezelfde patiënten op een andere afdeling of in een ander ziekenhuis kan je het dus rustiger of drukker hebben. Het aantal patiënten is dus niet van belang. Zolang jij maar lekker kan werken en met een voldaan gevoel de dienst afsluit.