Je bent een last…

Je bent een last…

Ik kreeg laatst een berichtje over dat ik een last zou zijn op de Intensive Care (IC). Een aantal weken geleden heb ik een paar inwerkdiensten gedraaid op de IC als buddy. Dit houdt in dat ik in deze diensten werd ingewerkt op de IC; ik moet weten waar alle materialen liggen indien deze gehaald moeten worden; ik moet alle soorten, maar voornamelijk intraveneuze, medicatie kunnen klaar maken; ik moet weten hoe ik de metingen kan verrichten op de kamer en ik moet een veneus bloedgas afkunnen nemen en kunnen uitlezen (en natuurlijk helpen bij ADL, verplaatsen in bed, verschonen, etc.). Allemaal taken die makkelijk te leren zijn, maar grote gevolgen kunnen hebben als het misgaat.

Dit maakt dat als ik daar rondloop, ik een hoge verantwoordelijkheid voel. En een soort van extra dienstbaarheid. Helaas is de corona crisis nog in volle gang en dat betekent de IC afdelingen langzaam weer volstromen met COVID patiënten. In die tijd is een buddy extreem handig. In mijn ogen zijn dan alle handen op de werkvloer nodig. Maar nee, volgens deze Instagrammer was ik tot last. Want zij had ook met buddy’s gewerkt en zij vond ze maar vervelend en tijdrovend. Dat zette mij aan tot nadenken en vandaar dat ik deze blog schrijf. Want, in de tijden van nood is het roeien met de riemen die je hebt. Extra handen erbij op de werkvloer is toch juist prettig, zou je zeggen?

Ik ben niet op haar berichtje ingegaan en heb het berichtje dan ook verwijderd. Ik noem haar even haar, maar voor hetzelfde geld was het een man. Ik weet het niet. Waarom ik haar heb verwijderd? Ik voelde een soort van woede en wilde mijn energie er niet aan kwijt raken. Achteraf denk ik zonde, want ik had best een gesprek met haar willen voeren en haar standpunt willen achterhalen. Want, ik ben van mening dat als je de kwaliteiten van iemand die je komt helpen op de juiste manier inzet, je heel veel hulp kan ontvangen. Dat heet iemand in zijn kwaliteiten zetten en daarmee is dat waardering.

Op het moment dat ik als verpleegkundige op de verpleegafdeling een super drukke dienst heb én er een student achter mij aanloopt, kan ik dat op meerdere manieren benaderen.

  • Benadering 1. Ik zou kunnen zeggen: ‘Gatsie, hier heb ik dus echt geen zin en tijd voor, ga maar naar een ander team, want ik kan je echt niet begeleiden (je bent een last).’.
  • Benadering 2. Of ik kan zeggen: ‘Wat fijn dat je er bent, ik zou je wat extra begeleiding willen geven, maar dat kan ik momenteel niet, zou je mij kunnen helpen waar nodig? Dat zal misschien betekenen dat je weinig leerrendement hebt vandaag en dat je de ‘vuile klusjes’ op moet lossen, maar dat betekent ook dat je mij enorm helpt en daarmee de patiënten ook waar wij voor zorgen.’.
  • Benadering 3/4/5/etc. Niets zeggen, niets bespreken, niet overleggen, niet goed kunnen begeleiden. Verschrikkelijk zou ik dit vinden en met een schuldgevoel zou ik naar huis gaan.

Misschien zijn er nog wel meer benaderingen mogelijk, waarschijnlijk wel. Maar laten we benadering 1 en 2 even uitlichten. Want – op ervaring gebaseerd – wat gebeurd er wanneer deze benadering plaatsvind?

  • Benadering 1. De student voelt zich niet welkom en zal met de staart tussen haar benen naar een ander team gaan. Als het zelfvertrouwen laag is of als de student onzeker is, dan kan de student de gehele situatie ook op zichzelf betrekken. Zonde, want dit is totaal niet de schuld van de student.
  • Benadering 2. De student weet waar het op aankomt in de dienst. Een keer zal niet erg zijn. Leerdoelen kunnen aan de kant worden gezet en misschien kan er hierdoor wel aan persoonlijke leerdoelen gewerkt worden. In een veiliger leerklimaat dan benadering 1. Maar de student weet dat zij kan helpen waar nodig en zal zich waarschijnlijk nuttig voelen.

Het resultaat van benadering 2? Iemand in zijn kracht laten staan. Niet dat dit (de leerdoelen aan de kant zetten en vuile klusjes laten oplossen) elke keer moet gebeuren als je werkt met een student, maar wel dat dit zo vaak als het nodig is mag gebeuren als ik werk als buddy op de IC. Ik kies hier namelijk voor. Om dienstbaar te zijn naar de patiënten, maar ook naar de IC-verpleegkundigen.

Ik ben een ervaren verpleegkundige, met 7 jaar erving in het grootste Academische ziekenhuis van Nederland (inclusief duale student tijd) en daarnaast 5 jaar ervaring op een enorme complexe afdeling waar patiënten in andere ziekenhuizen misschien wel op die IC of high care zouden liggen. Ik ben veel gewend, kan veel verpleegtechnische handelingen, ken mijn waarde en ik ken mijn grenzen. Laat mij dus gewoon helpen waar nodig én als ik iets niet kan, dan geef ik dit aan.

De benaderingen die ik kreeg.

  • Benadering 1. Die kreeg ik op Instagram van de onbekende Instagrammer die mij niet volgde en mij toch een berichtje wilde sturen. Het resultaat? Ik was boos en had wat weken nodig om hier op deze manier op te kunnen reageren. Moet je je voorstelen hoe ik mij had gevoeld als dit in real life zo was geweest. Wat deze Instagrammer trouwens ook suggereerde… want als ik met haar zou werken zou ik een last zijn, dus waarom zou ik überhaupt helpen als buddy op de IC?
  • Benadering 2. Die ik zou krijgen van mijn collega’s van het Beatrixziekenhuis. Natuurlijk zullen er drukke diensten zijn, dat ze hopen dat ik hen niet voor de voeten zal lopen. Maar met alle liefde wil ik werk van hen ontnemen en er samen voor zorgen dat we de dienst doorkomen.

Is mijn punt duidelijk? Dat als je de mensen inzet naar kracht, dat ze nooit tot last kunnen zijn? Voor hetzelfde geld laat jij mij een hele dag intraveneuze medicatie klaarmaken. Dat moet namelijk veel en vaak gebeuren op de IC. Dan heb ik een minder uitdagende dag, maar dan heb jij minder werk te doen en kan jij je richten op wat echt belangrijk is die dag. Reanimaties, COVID isolaties in- en uitlopen, beademingen instellen en ga zo maar door. Ik denk dus niet dat ik tot last ben, ik werk juist met plezier, ik denk eerder dat jij je kijk op de IC buddy’s wat kunt bijstellen ;).

Had ik je berichtje nog maar op Instagram, dan had ik je het direct kunnen vertellen. Het gaat om verwachtingen, communicatie en de juiste benadering. Ik hoop dat je er van leert. En… het niet met mij eens? Dat mag ook. Dan kunnen we erover in gesprek gaan.

Slapen en rusten tijdens, in en na je nachtdienst

Slapen en rusten tijdens, in en na je nachtdienst

Slapen en rusten in je nachtdienst. Een interessant, een super leuk en soms wat minder leuk onderwerp. Voor nachtdiensten draai ik mijn hand niet om. Ik vind het prettig om ze te werken. Het is rustig op de afdeling; patiënten hoeven niet weg voor onderzoeken, er wordt geen visite gelopen en in de zusterpost is het geen kippenhok. Heerlijk. Aan de andere kant kan het ook druk zijn in de nacht. Bij een acute situatie ben je maar met twee andere verpleegkundigen. Dat maakt dat je niet even een andere verpleegkundige makkelijk om hulp kan vragen. Soms werken verpleegkundigen zelfs alleen in de nachtdienst. Dit komt bijvoorbeeld op woongroepen, in de thuiszorg of in verpleeghuizen voor. Stel je voor.. dan heb je dus ook niemand om mee te praten en te sparren.

Als ik mijn nachtdiensten reeks in ga, slaap ik bijna nooit voor. Ik slaap uit, draai mijn nachtdienst, komt thuis en meestal na 24 uur wakker te zijn geweest ga ik weer slapen. Dan slaap ik vaak van negen uur tot zes uur in de avond. Dit lijkt lang, maar ik ben dan tussendoor geregeld en soms ook wat langer wakker. Mijn slaap is minder diep en ik word minder uitgerust wakker dan wanneer ik in de nacht slaap en overdag werk. In tegenstelling tot mijn verpleegkundige collega’s ben ik een goede slaper in de nachtdiensten. Moet je je dan voorstellen hoe zij zich moeten voelen! Mijn fitbit geeft meestal zeven gemaakte slaapuren aan. Dit betekent dat ik dus twee uur in totaal wakker lig. Mijn collega’s geven aan soms maar vijf uur te slapen, of minder, of een paar uur en dan een paar uur wakker en dan weer een paar uur. Ik was benieuwd wat het effect van nachtdiensten op slaap is en ben in mijn nachtdienst even PubMed ingedoken voor wat interessante artikelen. Hiernaast heb ik ook op mijn Instagram wat rond gevraagd over slapen en rusten in je nachtdienst. Per vraag kreeg ik ruim 750 reacties. Deze resultaten zal ik natuurlijk ook delen!

Ben je benieuwd naar hoe laat en wat je moet eten in je nachtdienst? Klik dan hier.

Nachtdienst en doorslaap problemen

Wisselende diensten zorgen ervoor dat de slaapduur, slaapkwaliteit en werk efficiëntie en werkprestaties negatief beïnvloeden.  In de studie van Chang et. al. (2019) hebben 191 verpleegkundigen vragenlijsten ingevoerd die in dag-, avond- en nachtdiensten werkten. Van deze verpleegkundigen hadden de verpleegkundigen die dag- en avonddiensten werkten een regelmatige cycli van rust activiteiten op de werkdag dan de nachtdienstverpleegkundigen. Verpleegkundigen in nachtdiensten hadden een grote slaapfragmentatie. Dit betekent dat zij meer doorslaap problemen hadden. Zij ervoeren dan ook een slechtere slaapkwaliteit en opmerkelijk hierbij was dat zij ook nog eens een lager activiteitenniveau hadden op hun werk (1)!

Op Instagram stelde ik: ‘Ik vind dat ik voldoende slaap als ik nachtdiensten werk.’. Van de gene die geantwoord hadden, heeft 31% maar het gevoel dat hij of zij voldoende slaapt in de nachtdiensten reeks.

Ik ben verder niet in gegaan op het activiteitenniveau, want dat is op Instagram op een objectieve manier niet helemaal goed uit te vragen. Om deze reden stelde ik: ‘Als ik nachtdiensten heb, dan heb ik minder concentratie.’’. Zelf heb ik tijdens mijn nachtdiensten geen moeite met mijn concentratie. Toen ik nog studeerde, maakte ik in de nacht verslagen en opdrachten. Ik had hier echt geen moeite mee! Sommige collega’s daarentegen kunnen dit niet en vinden het fijner om een laagdrempelige film/serie te kijken of gewoon de hele nacht te kletsen (dit laatste kan ik trouwens ook wel hoor, haha). Op Instagram werd aangegeven dat 70% van de stemmers minder concentratie heeft tijdens een nachtdienst. Zo veel mensen!

Nachtdienst en melatonine

Dat verpleegkundigen hun hele ritme omgooien en dat dit slecht is voor het lichaam, is niets nieuws. Het is nou eenmaal zo dat verpleegkundigen die in de nacht werken minder daglicht blootstelling hebben en hierdoor een lagere melatonine spiegel dan de dagdienstverpleegkundigen. Het is onderzocht dat een betere afstemming van de wisselende diensten zorgt voor een minder verstoorde melatonine ritme (2). Van groot belang dus om een paar nachten achter elkaar te draaien in de maand in plaats van meerdere weken in de maand nachten te draaien!

En wat dan als je zo’n nachtenreeks hebt gedraaid? Je hebt denk ik drie opties. Optie een is dat je niet gaat slapen na je nachtenreeks en als het ware nog een keer ongeveer 24 uur lang wakker bent voordat je gaat slapen. Deze optie is voor mij echt een no-go. Optie twee is dat je bij thuiskomst toch nog even lekker je bed in duikt en maximaal vier uur slaapt. Optie drie is dat je gewoon meer dan vier uur kunt slapen en in de avond ook gewoon weer in slaap valt. Ik stelde op Instagram: ‘Als ik de nachtdienst uit kom, slaap ik maximaal vier uur.’. Dit is ongeveer 50-50. Ikzelf slaap meestal tot 14:00 a 15:00 ‘uit’, waardoor ik rond 22:00 weer moe genoeg ben om naar bed te kunnen. Naja, ik ben als ik wakker word ook nog moe hoor. Maar ik weet dat als ik later dan 15:00 wakker word, dat ik in de avond niet meer in slaap val.

Nachtdienst en dutjes

Huanhuan et. al (2019) hebben een systematic review uitgevoerd om onderzoek te doen naar dutjes in de nacht wanneer verpleegkundige nachtdiensten draaien. In totaal werden 22 onderzoeken geïncludeerd. Hieruit kwam naar voren dat veel verpleegkundigen in de nachtdiensten dutjes doen, terwijl hier eigenlijk geen duidelijk beleid voor is. Opmerkelijk dat hier geen duidelijk beleid voor is, want een dutje doen heeft positieve uitkomsten. Zo is het gunstig voor het welzijn van verpleegkundigen en kan hun psychomotorische waakzaamheid en prestaties verbeteren. Helaas is het bewijs voor het verminderen van slaperigheid en vermoeidheid onvoldoende.. daarnaast staat het dutten ook voor een grote uitdaging, aangezien het niet overal geaccepteerd wordt. Deze systematic review laat zelfs weten dat managers verpleegkundigen dutjes moeten laten doen in de nachtdienst (3). Ik zeg zeker wel ja hierop, haha.

De reacties op Instagram vond ik heel erg grappig. Ik stelde als eerst: ‘Ik mag in de nachtdienst een dutje doen van mijn baas.’. Maar 20% mag een dutje doen. De volgende stelling was: ‘Ik doe soms een dutje in de nacht tijdens mijn nachtdienst.’. Oeh, 31% gaf aan dit te doen. Dit betekent dat 11% waarschijnlijk een dutje doet, terwijl dit eigenlijk zwart op wit gezien niet mag!

Maar, hoe zit dat dan met een dutje voor de nachtdienst? Het zo genoemde voorslapen. Ik denk dat dit voor ieder van ons verschillend is. Net zo als het aantal uur slaap voor een uitgerust gevoel per individu verschillend is, is dat het voorslapen ook. De stelling op Instagram was: ‘Voordat ik mijn nachtdiensten reeks in ga, probeer ik de nacht ervoor zoveel mogelijk uren te slapen’. Ongeveer 65% probeert voor dat zij de nachtdienst in gaan, nog wat extra uren slaap te pakken.

Nachtdienst en herstel dagen

De randomized controlled trial van Shu-fen et. Al (2013) onderzocht het aantal herstel dagen dat verpleegkundigen nodig hebben om hun slaapkwaliteit te herstellen tot het niveau van dagdienst verpleegkundigen. De slaapkwaliteit van 30 dagdienst verpleegkundigen en 32 nachtdienst verpleegkundigen werd beoordeeld. Met behulp van slaapdagboeken en slaapparameters werden gegevens verzameld op werkdagen en vrije dagen. Op werkdagen had de nachtdienst verpleegkundigen significant minder totale slaaptijd (TST) op dag 5 en significant lagere slaapefficiëntie (SE) op dag 3 dan de dagdienst verpleegkundigen. De TST’s van de twee groepen op vrije dagen waren hoger dan die op werkdagen. Op de 4e opeenvolgende vrije dag suggereren hogere TST en een toename van SE dat de nachtdienst verpleegkundigen hun slaapkwaliteit had hersteld tot het niveau van de dagdienst verpleegkundigen op hun vrije dagen. De SE van de nachtdienst verpleegkundigen overtrof die van de dagdienst verpleegkundigen na de 4e opeenvolgende vrije dag, hoewel het verschil niet statistisch significant was. Op basis van deze gegevens wordt aanbevolen dat nachtdienst verpleegkundigen een periode van minimaal 4 dagen vrij moeten hebben na 5 opeenvolgende nachtdiensten en minimaal 5 dagen vrij als het personeel dat eerder nachtdiensten heeft gewerkt een set van verschillende diensten krijgt toegewezen (4).

Niet gek dus dat bij deze stelling: ‘Ik voel mij na een goede nachtrust na mijn nachten reeks weer volledig opgeladen.’, maar 36% aangaf dat zij dan volledig opgeladen zijn. Vandaag is de dag dat ik ongeveer 10 uur heb geslapen nadat ik gisteren de nacht uit ben gekomen. Op deze dagen heb ik altijd lichte hoofdpijn, voel ik mij traag en heb ik eigenlijk nergens zin in. Ik ben dan echt nog niet volledig opgeladen.

Op Instagram stelde ik: ‘Ik word uitgerust wakker na mijn eerste nachtdienst’. Dus je draait je eerste nachtdienst, je slaapt overdag én daarna word jij uitgerust wakker. Nou, ik niet hoor. Hoe goed ik ook slaap.. Hoe beter ik slaap, hoe minder kans ik heb op hoofdpijn en prikkelbaarheid, maar ik ben eigenlijk altijd wel een beetje moe in mijn nachtdiensten reeks. Maar liefst 75% is ook niet uitgerust na het slaapmoment na de eerste nachtdienst en zelfs 80% voelt zich helemaal niet uitgerust tijdens de nachtdiensten.

Nachtdienst en sociale steun

De studie van D’ Ettorre et. (2020) al vond geen verband gevonden tussen hoge werkdruk, slapeloosheid en slaperigheid overdag met nachtdiensten. Bij vrouwen was het niveau van sociale steun significant en negatief geassocieerd met slapeloosheid en slaperigheid overdag.  De studie heeft als conclusie uit hun kwantitatieve onderzoek dat interventies die gericht zijn op het voorkomen van slaapstoornissen en werkstress bij vrouwelijke verpleegkundigen die wisselende diensten en daarmee nachtdiensten werken moeten bestaan uit sociale steun (5).

De stelling hierbij was: ‘Als ik nachtdiensten draai, dan ben ik meer prikkelbaar.’. Als ik dit lees, dan denk ik direct aan mijn vriend. Oef, hij moet wat doorstaan als ik nachten heb. Ik kan soms gewoon best bot uit de hoek komen, maar gelukkig voel ik mij hierin nu niet alleen. Op Instagram gaf 78% aan dat zij dit namelijk ook hebben. Succes voor jullie partners!

Bronnenlijst

1.          Chang WP, Li H Bin. Differences in workday sleep fragmentation, rest-activity cycle, sleep quality, and activity level among nurses working different shifts. Chronobiol Int [Internet]. 2019;36(12):1761–71. Available from: https://doi.org/10.1080/07420528.2019.1681441

2.          Razavi P, Devore EE, Bajaj A, Lockley SW, Figueiro MG, Ricchiuti V, et al. Shift work, chronotype, and melatonin rhythm in nurses. Cancer Epidemiol Biomarkers Prev. 2019;28(7):1177–86.

3.          Li H, Shao Y, Xing Z, Li Y, Wang S, Zhang M, et al. Napping on night-shifts among nursing staff: A mixed-methods systematic review. J Adv Nurs. 2019;75(2):291–312.

4.          Niu SF, Chu H, Chung MH, Lin CC, Chang YS, Chou KR. Sleep Quality in Nurses: A Randomized Clinical Trial of Day and Night Shift Workers. Biol Res Nurs. 2013;15(3):273–9.

5.          D’ettorre G, Pellicani V, Caroli A, Greco M. Shift work sleep disorder and job stress in shift nurses: Implications for preventive interventions. Med del Lav. 2020;111(3):195–202.