Net afgestudeerd, en dan? Doorstuderen!

Net afgestudeerd, en dan? Doorstuderen!

Nog lang niet klaar met leren

Ik sprak van de week met een collega over het carrière pad van de gemiddelde verpleegkundige van de afdeling. Veel verpleegkundigen werken een paar jaar op de afdeling en vertrekken dan weer. Zij gaan de opleiding tot SEH-verpleegkundige volgen om door te groeien naar verpleegkundige op de helikopter als einddoel. Of ze kiezen ervoor om op de afdeling de opleiding tot oncologie verpleegkundige te volgen en zien erna toch een baan die iets beter past bij hun ambities.

Persoonlijk vind ik het alleen maar prettig, want dit houd ons scherp. Verpleegkundigen die willen doorleren, zijn vaak kritisch en benaderen vraagstukken uit verschillende hoeken. Het nadeel is alleen dat zij de afdeling weer zullen verlaten. Enorm jammer, want zij hebben door hun kritische houding in de jaren dat zij hebben gewerkt op de afdeling enorm veel ervaring opgedaan. Over het behoud van verpleegkundige kan ik nog een hele blog wijden. Ik ben namelijk groot voorstander van het gesprek aangaan en kijken wat je als afdeling of zelfs ziekenhuis kan bieden. Maar daarover een andere keer dus misschien meer ;).

Deze blog gaat over alle richtingen die je op kan met jouw verpleegkunde diploma.

Doorstuderen op jouw eigen afdeling

Ben jij niet klaar met leren, maar heb je een enorm leuke werkplek waar je eigenlijk nog niet weg wilt? De mogelijkheden voor doorstuderen op jouw eigen afdeling heb ik op een rijtje gezet.

  • Ben je MBO-Verpleegkundige? Dan kan je de opleiding tot HBO-Verpleegkundige volgen. Zeker met de naderende differentiatie van de MBO en HBO verpleegkundige is de HBO-V van belang. Maar ook met het zicht op onderzoek doen en een kritische blik op bijvoorbeeld de protocollen en daarmee de werkwijze van jouw afdeling.
  • Wat dacht je van casemanager? Ze bestaan in verschillende soorten en maten, en zijn misschien ook wel van toepassing op jouw afdeling. Denk aan urologie, dementie, verzuim, etc.
  • Als verpleegkundige kan je ook richting de coach kant gaan. Denk bijvoorbeeld aan de coach opleiding, peer coach of stap naar coachen.
  • Het kan ook dat je affiniteit hebt met toetsen afnemen en verpleegkundige hierin scholen. Dan kan je bijvoorbeeld Train de Toetser doen.
  • Wil je meer weten over het spoedsysteem van jouw instelling, de modified early warning score (MEWS) en de SBAR? Dan is de Vitaal bedreigde patiënt misschien wat voor jou. In het Erasmus MC moet je deze module verplicht volgen.
  • Ik vind dat reanimeren so wie so jaarlijks terug moet komen. Hiervoor is bij ons de cursus BLS. Ook deze module moeten wij op de afdeling verplicht volgen.
  • Misschien kan je juist doorstuderen in de vorm van een werkgroep. Denk aan de decubitus/wond groep, medicatie werkgroep, overdrachtswerkgroep, etc.
  • Ben jij meer van het aansturen van je collega’s, kartrekker zijn van werkgroepen en overstijgende denken. Dan is de functie van senior/ regie wat voor jou.

Doorstuderen op academisch niveau

Wil jij meer dan de opleiding tot HBO-verpleegkundige, of weet je dat ‘aan het bed staan’ niet jouw hele leven voor je is weggelegd? Dan heb ik de doorstudeer mogelijkheden op academisch niveau voor je op een rij gezet.

  • Verpleegkundig specialist (MANP) is er in elke tak van sport wel. Van de psychiatrie tot gynaecologie en van de oncologie tot palliatieve zorg. 
  • Wat dacht je van de master verplegingswetenschap? Dit valt onder de klinische gezondheidswetenschappen. Voor meer informatie over verplegingswetenschap, kan je deze blog lezen.
  • Gezondheidswetenschappen is dus de bredere variant van verplegingswetenschappen. Uiteindelijk kan je met beide masters terecht in beleid, management, onderzoek of lesgeven op de hoge school.
  • Physician Assistent (PA) is de rechter hand van een medisch specialist. Je mag zelfstandig handelingen uitvoeren en behandelplannen maken.
  • Vind je onderzoek doen echt ontzettend leuk en houd jij ervan om de laatste literatuur in te duiken? Dan is de master EBP wat voor jou.
  • Wist je dat er ook een master Zorg en ethiek bestaat?
  • Weet je al dat je echt de management kan op wilt? Dan is de master zorgmanagement wat!

Doorstuderen op een andere afdeling

Is de afdeling net niet wat je er van verwacht had? Of heb je stage /  gewerkt op verschillende afdelingen, maar voelde het niet als ‘Yes dit is het’? Dan kan je ook doorstuderen op een andere afdeling. Afdelingen waarbij je aangenomen moet worden om de opleiding te mogen starten heb ik ook op een rij gezet.

  • Anesthesie. De patiënten in de gaten houden na de operatie, overdragen naar het verpleegkundig personeel van andere afdelingen en het inbrengen van infuusjes.
  • Heb je veel affiniteit met het hart en wil je heel goed ECG’s kunnen aflezen? Dan is de CCU opleiding iets voor jou.
  • Of ben je toch meer technisch onderlegd en vind je het uitdagend om voor hele zieke patiënten te zorgen? Dan zit je op de IC goed.
  • Het kan ook zijn dat je het juist leuk vind als de patiënten op de spoed komen en dat jij de eerste bent die hen ziet en kan gaan behandelen in overleg met de dienstdoende arts. Dan is de specialisatie tot SEH Verpleegkundige wat voor jou.
  • Als oncologie verpleegkundige zorg je voor patiënten met kanker. Dit kan op een snijdende (chirurgische) afdeling of op een interne afdeling.
  • De palliatief verpleegkundige zorgt voor de patiënten die in de laatste levensfase zitten en het gehele proces hier om heen.
  • Misschien vind je wonden juist wel enorm interessant en wil je graag wond verpleegkundige worden.
  • En wat dacht je van leerlingen begeleiden als praktijkondersteuner?
  • Geriatrie verpleegkundige. Niet enkel enorm handig in het verpleeghuis, maar ook in het algemene ziekenhuis, want ook hier worden vaak oudere patiënten opgenomen.
  • Psychiatrisch verpleegkundige. De titel zegt al genoeg, toch?
  • Triagist op de Huisartsenpost, bij de huisarts, op de meldkamer of op de spoedeisende hulp.

Praten met je manager

In het rijtje met deze tientallen vervolgopleidingen ben ik er vast nog wel een of meer vergeten (excuses). Maar, ik denk dat je zo wel een breder beeld hebt gekregen wat jij met de opleiding verpleegkunde allemaal kan. Het belangrijkste is dat je werkplezier hebt en met een fijn gevoel naar je werk gaat. En als dit niet lukt, dan wil ik je adviseren om erover te praten. Heb je het gevoel vast te zitten, terwijl jij je graag wilt verdiepen? Misschien kan je manager je in een gesprek wel verder helpen. Zij weten vaak wat er speelt binnen de instelling en waar jij je in kunt verdiepen of welke opleiding je kunt volgens om toch weer het idee te hebben dat je een uitdaging hebt in je werk.

Na de opleiding verpleegkunde direct doorstuderen

Heb je nou geen manager, maar wil je direct na de opleiding verpleegkunde direct doorstuderen? Dat kan natuurlijk ook. Er bestaan zat vacatures voor bijvoorbeeld oncologie verpleegkundigen in opleiding, etc. Daarnaast heb ik ook na mijn afstuderen (en na mijn wereldreis) direct een opleiding gestart. Gewoon iets minder werken bij een deeltijd opleiding en goed aangeven wat je van plan bent. En goed plannen. Dan komt alles goed. Succes!

Net afgestudeerd, en dan? De eerste keer werken als gediplomeerd verpleegkundige

Net afgestudeerd, en dan? De eerste keer werken als gediplomeerd verpleegkundige

De eerste weken vol vraagtekens

Daar sta je dan. Met je diploma op zak en knikkende knieën. Je eerste dag werken als verpleegkundige na het behalen van je diploma. Ergens super enthousiast, maar aan de andere kant ook erg onzeker. Mijn eerste dag. Ik weet het nog goed. Met mijn haren in een staart liep ik door die donkere grijze gangen van het ziekenhuis. Ik was zo blij dat ik het ziekenhuis al kende en wist waar het kleding automaat was en hoe ik ongeveer moest lopen naar de afdeling. Eenmaal op de afdeling aangekomen nam ik mij voor om mij van mijn beste kant te laten zien. Iedereen zou ik netjes een hand geven, mijzelf voorstellen en glimlachen. Al snel werd duidelijk dat het niet zo zou gaan..

De eerste verpleegkundige die ik tegen kwam was een grote man. Hij had het druk. Ik wist niet of hij van de dagdienst was of van de nachtdienst. Ik had mij zoals voorgenomen netjes voorgesteld, had hem een hand gegeven en probeerde zijn naam te onthouden. Maar doordat hij het druk had, kreeg ik het idee dat ik proactief moest zijn en hem moest helpen. Hij liep weer weg en andere collega’s kwamen binnen. Ze begonnen met elkaar te praten. En daar stond ik dan. Alleen, ik kende niemand en kon niet echt mee praten over alle patiënten die besproken werden.

Het was net zeven uur in de ochtend geweest, ik had wat nieuwe gezichten gezien en de verpleegkundige die het druk had kwam weer terug. Hij riep: ‘Wie wil er met mij mee naar de OK?’. Ik had het idee dat ik dat het beste kon doen. Ik stond immers maar te staan, kon nog niet inloggen op de computer en voelde mij daardoor een beetje nutteloos. Ik antwoordde dat ik wel mee wilde lopen. Hij lachte. Ik hoefde niet mee te lopen. Toen had hij door dat ik niet echt wist wat ik moest doen en nam hij mij mee naar de andere kant van de zusterpost. Hij wees een groot bord aan met daarop kamer nummers en namen van verpleegkundigen. Ik kreeg van hem een briefje met patiënten namen, reden van opname en patiëntenkamers in mijn handen gedrukt. Hij liep met een andere collega naar OK en ik vroeg wie de verpleegkundige was waar ik aan gekoppeld stond.

Dit bleek een hele lieve verpleegkundige te zijn die later werkbegeleider werd en waarmee ik in de dagelijkse praktijk nog veel samenwerk. In de aankomende weken stond ik ook samen met haar gepland op de short-stay patiënten. Deze patiënten kwamen voor zogenaamde dag behandeling operaties en verbleven dus maar één dag op de afdeling. Zo leerde ik anamnese afnemen, de kleinere operaties en de verschillende protocollen van de afdeling. In de tijd dat ik even niets te doen had, maakte ik e-learnings.

De weken die hierna komen gevuld met verantwoordelijkheid

Na een paar weken was ik een beetje los gekomen, kende ik bijna alle verpleegkundigen bij naam en mocht ik over naar de andere kant van de afdeling. Hier lagen de ‘lang liggers’. Vandaag de dag hebben wij de short-stay patiënten niet meer. Die worden behandeld op de dagbehandeling. Het leuke (naja, interessante) is dat wij juist meer lang liggers hebben. Deze patiënten ondergaan een grote operatie (commando of een totale laryngectomie) en blijven voor een week a twee weken bij ons.

De eerste weken aan deze kant van de afdeling leerde ik veel. Nieuwe ziektebeelden, een ander slag patiënt en het was hier altijd bezig. In deze weken las ik enorm veel protocollen, tekende ik veel handelingen af en voltooide ik bijna al mijn e-learnings. Ook thuis was ik er mee bezig.

En toen kwam het.. De eerste dienst mijn eigen patiënten. Oh wat vond ik het spannend. Als jong gediplomeerd verpleegkundige had ik altijd back-up van een senior verpleegkundige. Ik kon haar altijd om hulp vragen en zij keek met alles mee of ik het wel volgens de richtlijnen en protocollen deed. Ideaal en ook best eng. Iemand die de hele tijd met je mee kijkt. Wat ik het spannendste vond, was de verantwoordelijkheid. Het feit dat ik alles moest onthouden, de juiste bevindingen moest doorgeven aan de zaalartsen en geen handelingen mocht vergeten.

Ik maakte een routine lijstje van de dag. Hier stond bijvoorbeeld op hoe laat de medicatie gedeeld werd, wanneer de controles gedaan worden, wanneer de bloedsuikers geprikt moeten worden en per patiënt schreef ik de to-do dingen op. Deze to-do dingen haalde ik uit de rapportages, het protocol van de desbetreffende operatie en de artsenvisite. De eerste week eigen patiënten ging goed en om die reden kreeg ik de tweede week een leerling mee. Dit was dus al in de zesde week dat ik er werkte. Kan ook iets later zijn geweest. Het voelde goed en leuk.

De leerling had echter een rugzakje en had met alles begeleiding nodig. Ik had dit in eerste instantie niet direct door. Natuurlijk gaf ik haar begeleiding en legde ik dingen uit. Ik durfde haar ook nog niets zelfs te laten doen. Puur om het feit dat ik niet wist wat zij mocht en het feit dat ik er zelf nog maar net was. Ze mocht meekijken en we konden samen werken. Toen ik pauze had, liep de psychiater visite bij een heftige casus. De student haalde mij er zelf niet bij. Dit zorgde ervoor dat de psychiater de haldol wilde afbouwen terwijl de patiënt van voor niet wist dat zij van achter leefde. Ook liep de KNO arts langs en droeg over dat er bloed moest worden afgenomen. Ik kon mijn eigen verhaal niet kwijt en kon ik geen vragen stellen. En de student droeg niet over dat er bloed moest worden afgenomen, dit las ik later in de naslag terug.

Hier was ik erg van ontdaan. Ik snapte niet waarom zij dit had gedaan en hoopte dat mijn collega’s inzagen dat ik dit nooit zo zou doen. Ik had het idee dat ik gefaald had en er niet goed was geweest voor mijn patiënt. Ik had niet voor haar kunnen opkomen en was een bloed afname ‘vergeten’. Ik vond de artsenvisite toen eigenlijk al eng om te doen (omdat toen nog de senior verpleegkundige mee liep) en vond over deze gebeurtenis praten al helemaal verschrikkelijk. Toch besloot ik om het te delen met mijn manager.

Omdat ik het echt heel erg vond ging ik met het vocht in mijn ogen naar mijn manager toe en vertelde ik haar alles. Dat ik alles samen wilde doen, omdat ik maar net zelf het overzicht had en nog niet het kon overzien als zij van alles zelf zou gaan doen. Dat ik dit uitgebreid met haar had besproken, maar dat zij als derdejaars student die net op onze afdeling liep, toch zelfstandig de visite had gelopen. Dat zij hierbij onjuiste informatie had gegeven en belangrijke informatie was vergeten over te dragen. De student had mij er gewoon bij moeten halen. Ik had de verantwoordelijkheid. Mijn manager begreep gelukkig alles. Uiteindelijk heb ik zowel de zaalarts gebeld als de psychiater en alles uitgelegd. Tevens heb ik de student apart genomen en verteld wat er allemaal was gebeurt en hoe dit voorkomen had kunnen worden. Eind goed, al goed. De haldol werd niet meer afgebouwd, het bloed werd afgenomen en de student zou de volgende keer echt mij halen als er een arts langsliep.

Helaas liep het voor deze student niet goed af. Wat er bij mij gebeurde, gebeurde bij andere collega’s ook en na een paar weken zonder enige verandering of zelfreflectie is zij met voldoende bewijslast van de afdeling afgehaald. Ik trof het als jong gediplomeerde dus gelijk… Aan de ene kant verschrikkelijk. De angst dat alles fout zou gaan onder mijn verantwoording kwam uit. Aan de andere kant eigenlijk best positief. Ik heb alles recht kunnen zetten en aan mijn collega’s en manager kunnen laten zien wat ik de juiste manier van zorgverlening vind en hoe ik op kom voor mijn patiënten.

Leren, vallen en opstaan in de onregelmatigheid

Na een paar maanden dagdiensten te hebben gedraaid en voor mijn gevoel helemaal in de patiënten, ziektebeelden en operaties te zitten, mocht ik eindelijk de onregelmatigheid in. Ik weet niet meer wat er eerst kwam. Een avonddienst of een nachtdienst. Ik denk de nachtdienst, want ik kan me herinneren dat ik wilde inlezen achter de computer en dat dit niet gebruikelijk was. De verpleegkundigen die samen met mij nachten hadden, vertelde mij dat we eerst een mondelinge overdracht kregen in de koffieruimte, waarna we konden inlezen als de avonddienst naar huis was. Tegenwoordig is dit ook al weer anders.

Een van de verpleegkundigen die mij heeft ingewerkt, werkt nu nog steeds op de afdeling. Wij zitten nu zelfs samen in het canule team. Ik wist nog wel dat ik het zo knap vond dat zij wist waar elk medicament stond in de medicatie ruimte, dat zij zo op tijd alle taken van de nachtdienst kon doen (medicatie uitzetten, opnames voorbereiden, rondes lopen, etc.) en tussendoor nog bellen kon lopen. De nachtdienst hierna had ik met een andere collega nacht en die liep achter mij aan, terwijl ik zelf probeerde te herinneren wat ik de nacht ervoor nou allemaal gedaan had. Gelukkig kon ik het terug vinden in het inwerkboekje en mijn aantekeningen. Dit ging allemaal goed en ik was na de eerste nachtdiensten zo gesloopt dat ik ook prima sliep!

De eerst volgende keer was ik niet over gepland in de nachtdiensten en stond ik samen met een collega die nu helaas weg is. Er belde een meneer. Hij had het benauwd en had een canule. Al snel had mijn collega door dat hij een sputumprop had. Ik had gelukkig al mijn canule zorg en uitzuigen afgetekend en kon met trillende handen mijn collega helpen. Het was zo’n raar idee dat zij en ik als enige op de afdeling waren. Met zoveel patiënten. En dat wij op dat moment een half uur vast stonden bij een meneer die echt onze hulp nodig had. Er gingen ook andere bellen af en die liepen we nadat we de sputumprop uit de canule hadden gehaald en de ademweg van deze meneer weer vrij was. Wat een adrenaline!

In de eerste avonddiensten leerde ik denk ik hoe belangrijk goed samen werken met je collega’s is en hoe je een patiënt naar huis toe stuurt (op de short-stay kant van de afdeling). Ik kan me er niet meer heel veel van herinneren.

De conclusie is dat alles van zelf komt. Ik heb het idee gehad dat ik onder gedompeld werd in informatie en dat er vanuit werd gegaan dat ik het zou redden. Dit lukte ook. Ondertussen heb ik wel mijn grenzen zo goed mogelijk geprobeerd aan te geven en heb ik zoveel mogelijk leermomenten proberen te pakken. Het gaat erom dat je aangeeft wat je wel en niet kunt. Dat je aangeeft wat je wilt leren. En dat je vertrouwen hebt. Uiteindelijk komt alles goed. Die knikkende knieën zijn maar goed ook, want dan let je beter op. Het verantwoordelijkheidsgevoel is goed. Dat heb ik nog steeds. Maar, ervaring leert dat het elke dienst goed komt. En zo niet? Dan heb je altijd collega’s die je kunnen helpen.

Afgestudeerd, en dan? .. Solliciteren naar jouw droombaan als verpleegkundige

Afgestudeerd, en dan? .. Solliciteren naar jouw droombaan als verpleegkundige

Op Instagram vroeg ik wat voor blog ik volgens jullie moest schrijven. Al snel werd duidelijk dat er vraag was naar een blog over de periode na het afstuderen als verpleegkundige. In deze periode moet je namelijk gaan solliciteren om ergens te worden aangenomen, zijn de eerste werkdagen enorm spannend en kies je er misschien wel voor om door te studeren. Hoe pak je dit allemaal aan? In deze blog reeks geef ik aan de hand van tips kort en krachtig aan hoe jij dit het beste kunt doen. Laten we beginnen met het solliciteren naar die jouw droombaan als verpleegkundige.

De inhoud van jouw sollicitatie brief

De opbouw van een sollicitatiebrief maak ik altijd naar aanleiding van zo’n opzetje van internet. Op Google kan je zoeken op sollicitatiebrief en je krijgt tal van sites die voorbeelden voor je hebben en de opbouw van een brief aan je kunnen vertellen. Dat is dus niet heel boeiend.. De inhoud daar en tegen wel. Dat is wat er voor zorgt of jij word uitgenodigd voor een gesprek. Hoe kan jij in een brief goed overkomen? Wat zorgt ervoor dat de organisatie waarbij jij solliciteert jou aanneemt? Hierbij tien tips:

  • Zoek informatie op over de organisatie waarbij jij wilt solliciteren. Wat drijft hun, wat voor zorg willen zij graag verlenen, naar wat voor mensen zijn zij op zoek? Schrijf dit op en bekijk welke kernwaarden overeenkomen met jouw normen en waarden.
  • Laat jouw enthousiasme overkomen. Waarom solliciteer jij op deze functie en binnen deze organisatie?
  • In de vacature staan meestal al een paar eigenschappen waar de organisatie naar op zoek is. Bijvoorbeeld een teamplayer, een doorzetter, iemand die goed kan organiseren en plannen. Kijk naar wat er bij jou past. Kies ongeveer drie eigenschappen uit waarvan jij vind dat jij deze bezit. Vertel kort over welke eigenschap het gaat en waarom jij vind dat je deze bezit.
  • Tijdens jouw stages in de zorg en de opleiding ben jij vast ook achter sterke eigenschappen gekomen. Denk bijvoorbeeld aan hoe leuk jij bepaalde handelingen verrichten vind, het samenwerken met andere studenten en verpleegkundigen, het kunnen ontvangen van feedback.
  • Vergeet jouw nevenactiviteiten niet! Ben jij peercoach geweest, zat jij in de organisatie van het kamp of vertegenwoordigde jij de studenten in de studentenraad? Dat is super waardevol om te vertellen. Dit laat zien wat voor inzet jij hebt gehad tijdens je opleiding en dus zult hebben in dienstverband. Vergeet ook je vrijwilligerswerk niet!
  • Buig negatieve eigenschappen om naar positieve eigenschappen. Ik ben bijvoorbeeld altijd heel perfectionistisch. Dit kan in een nadeel werken. Ik wil alles tot in de puntjes uitwerken, wat soms iets meer tijd kost en kan het vervelend vinden als collega’s dit niet doen. Aan de andere kant lever ik zorg van hoge kwaliteit die daardoor in mijn ogen én in die van de patiënt als goed wordt gezien.
  • Vergeet ook geen humor. Een sollicitatiebrief hoort natuurlijk zakelijk te zijn, maar ik ben van mening dat de beste zorg gegeven wordt met een vleugje humor. Als je dat niet hebt, kan het zorgen voor neerslachtigheid en irritatie.
  • Wat maakt dat jij denkt dat jij een aanvulling bent voor het team? Wat maakt dat de organisatie jou wilt kiezen? Staat de organisatie voor continue verbetering van zorg en heb jij een kritische blik die hieraan bij draagt? Laat het hen weten. Dit is van groot belang en zorgt ervoor dat je brief eruit springt.
  • Door een curriculum vitae (CV) toe te voegen die er uit springt, onthouden ze jouw sollicitatie. Probeer je CV mooi vorm te geven en voeg hier een recente foto van jezelf aan toe.
  • Eindig met een pakkende zin die niet snel vergeten wordt. Voeg bijvoorbeeld je belangrijkste pluspunten, wat zij zoeken en waarom jij een waardevolle aanwinst bent in een korte en krachtige zin.

Het sollicitatie gesprek

Ben jij uitgenodigd voor een gesprek? Goed gedaan! Hieronder tien tips om je goed voor te bereiden op het gesprek en het gesprek goed te kunnen voeren:

  • Zoek dan bij eigenschappen die je hebt uitgewerkt nog meer voorbeelden. Hier wordt waarschijnlijk naar gevraagd tijdens het gesprek. Werk goed uit waarom het een goede eigenschap is, in welke situatie het tot bijvoorbeeld een oplossing of een goed resultaat heeft geleid en hoe jij deze eigenschap dan hebt ingezet.
  • Bestudeer je CV en bekijk welke vragen zij over jouw vorige baantjes kunnen stellen en welke eigenschappen jij toen nodig had of hebt ontwikkeld die waarschijnlijk in je volgende baan ook goed van pas zullen komen.
  • Wees vooral jezelf tijdens het gesprek. Er is geen goed of fout. Een goed team functioneert goed als er verschillende type mensen in zitten. Dit zorgt voor een goede groepsdynamiek. Hoe beter jij laat zien wie je bent, hoe beter de anderen een beeld kunnen schetsen over jouw toekomstige positie binnen het team.
  • Dit houd dus ook in dat jij vragen kunt stellen over het team. Zo ontwikkel jij alleen maar een nog beter beeld van je eventueel toekomstige werkomgeving.
  • Ben jij in jouw zoektocht naar informatie over de organisatie informatie tegen gekomen die niet helemaal duidelijk was. Stel hier dan gerichte vragen over op. Dit is interesse en zal alleen maar als belangstellend worden gezien.
  • Stippel je toekomstplan uit. Veel organisaties nemen verpleegkundigen aan die binnen een paar jaar weer ergens anders willen gaan werken. Dit kan komen doordat zij bijvoorbeeld door willen studeren of een opleiding willen gaan doen. Als je dit van te voren bespreekt, dan komen de zaken niet als verrassing. En als je dit van te voren uitwerkt, kan je goed onderbouwen wat jij later wilt doen en welke rol de organisatie daarin voor jou kan hebben.
  • Stel jezelf aan het begin van het gesprek duidelijk en netjes voor. De eerste indruk is het belangrijkste!
  • Wees beleefd. Op het moment dat er getutoyeerd kan worden, zal dit tegen je gezegd worden.
  • Probeer zoveel mogelijk rechtop te zitten met een open houding.
  • Neem een pen en papier mee om de belangrijkste zaken op te schrijven als je hier behoefte aan hebt.

Vergeet natuurlijk ook niet dat je van te voren even moet uitzoeken hoe je het beste op locatie komt en kom op tijd!

Als jong gediplomeerd verpleegkundige kan je nog een heleboel leren. Juist door al te weten wat jouw leerpunten zijn, kan de ander inschatten of er op dit moment ruimte is binnen het team om daar aan te werken. Maak dit dan ook goed duidelijk. Straks heb je toch nog wat extra begeleiding nodig, maar kan dit niet gegeven worden. Dat is zonde voor jouw groei als verpleegkundige.

Geef in het gesprek ook aan dat je graag een dagje wilt meelopen. Je kan dan zien of je de afdeling net zo leuk vind als je dacht, of je de collega’s en de sfeer op de afdeling prettig vind en of je het kan vinden met de patiënten. Vrijwel elk specialisme heeft een eigen slag patiënten, in de thuiszorg geef je soms langdurige zorg aan je cliënten en ook de bewoners in een verpleeghuis wonen daar meestal voor een langere periode. Door mee te lopen kan je een weloverwogen keuze maken.

Onthoud.. het is niet erg om niet aangenomen te worden. Misschien past je karakter net niet goed binnen het team of hebben ze momenteel niet de capaciteit om jouw als net afgestudeerd verpleegkundige te begeleiden in de eerste weken. Dit kan zomaar. Neem het niet persoonlijk op, maar zie het juist als een leerervaring. Je hebt al eens een brief geschreven, bent uitgenodigd en weet nu ook hoe je een sollicitatiegesprek moet voeren.  

Mijn sollicitatie proces

In 2016 heb ik mijn diploma behaald, waarna ik direct een half jaar op wereldreis ging. Nadat ik terug kwam heb ik bij meerdere instanties gesolliciteerd. Ik wilde graag of iets in het beleid van een zorginstelling gaan doen, of als verpleegkundige werken in het Erasmus MC.

In totaal heb ik twee gesprekken gehad bij twee instanties voordat ik werd aangenomen. De vraag naar verpleegkundigen was toen al hoog en mede door deze hoge vraag, is er een baangarantie. Mijn eerste gesprek was met een detacheringsbureau. Zij waren best wel enthousiast over mijn CV. Deze had mijn zus toen vormgegeven met duidelijke koppen, alle belangrijke informatie en een foto. Hierin stond ook dat ik met een Honours Degree ben afgestudeerd. Zij waren vooral enthousiast over deze Degree en mede daarom dachten zij wel dat ik als kwaliteitsverpleegkundige in een verpleeghuis aan de slag kon. Het tweede gesprek was met de Keel Neus en Oor (KNO) afdeling van het Erasmus MC. Dit gesprek vond een paar dagen later plaats en ik wist direct dat ik hier wilde werken. De sfeer was goed, het gesprek liep vloeiend en ik had het idee dat ik mijzelf kon zijn.

Mijn droom was eigenlijk ook om verpleegkundige te zijn binnen het Erasmus MC. Hier ben ik ook duaal student geweest, maar de Maag Darm Lever (MDL) afdeling en de Interne Oncologie (IO) afdeling met een palliatieve zorg unit spraken mij niet aan. MDL is gewoon weg niet mijn specialisme en ik had wat nare stage ervaringen aan deze afdeling over gehouden. Ik wilde en durfde hier niet naar toe terug. De IO afdeling was voor mij op dat moment te heftig. Er overleden veel mensen op de afdeling of er gingen veel (jonge) mensen naar huis met een slechte prognose. Ik had ook al stage gelopen op de Snijdende Oncologie in het Daniel den Hoed en had het hier naar mijn zin gehad. De patiënten en het specialisme spraken mij erg aan. Uiteindelijk heb ik de keus gemaakt om te solliciteren op de KNO afdeling van het Erasmus MC.

En zo werd ik na een fijn gesprek, waarvan ik niet meer echt weet wat besproken werd, aangenomen op de KNO afdeling van het Erasmus MC die een paar jaar later zou fuseren met de Snijdende Oncologie van het Daniel den Hoed naar de kliniek Hoofd Hals.

Na deze fusie heb ik gesolliciteerd op de functie van senior verpleegkundige. Het leek mij én leuk om het team vanaf de werkvloer een beetje sturing te kunnen geven én mij meer te kunnen inzetten voor de afdeling. Natuurlijk was dat extra zakcentje ook handig. Zeker omdat ik net gestart was met mijn master verplegingswetenschappen. Hiernaast solliciteerde ik ook voor het canuleteam van de afdeling. Dit is het team wat een consult functie heeft als het gaat over tracheacanules op andere afdelingen in het ziekenhuis.

Voorbeeld brief

Hieronder staat een voorbeeld sollicitatie brief. Deze brief heb ik geschreven nadat ik was aangenomen als senior verpleegkundige. Ik wilde toen solliciteren naar de functie als lid van het canuleteam. Ik denk niet dat er een goed of fout is in het maken van een sollicitatiebrief, zolang de opmaak klopt en jij jezelf goed kan profileren.

Beste ….,

Naar aanleiding van de mail over de vacature van het canuleteam schrijf ik deze sollicitatiebrief.  Op het moment dat mijn collega’s mij in mijn vakantie over deze vacature vertelden, werd ik enorm enthousiast. Zoals jullie weten is het al een langere tijd mijn ambitie om deel uit te mogen maken van het canuleteam én deze vacature schept de mogelijkheid dat deze ambitie werkelijkheid wordt.

In maart ben ik twee jaar werkzaam op de afdeling. In eerste instantie solliciteerde ik toen der tijd doordat ik tijdens mijn derdejaars stage op afdeling A3 in het Daniel den Hoed verkocht was aan de hoofd- en hals patiënt en hiermee ook de canule zorg. Met deze drijfveer ben ik enthousiast begonnen aan mijn carrière op de afdeling en heb ik in deze jaren vele canules gezien, verzorgd en  uitgezogen. Hiernaast heb ik in deze jaren ook studenten, leerlingen en nieuwe medewerkers voorlichting en uitleg gegeven over de canulezorg. Door te ondervinden dat ik de canulezorg zo’n leuk onderdeel vind van mijn werk, tezamen met het geven van voorlichting en het demonstreren van de zorg, schrijf ik nu deze sollicitatiebrief.

Tijdens mijn verpleegkunde opleiding ben ik peercoach geweest, gaf ik bijles in medisch rekenen en stond ik af en toe voor de klas om een les verpleegtechnische vaardigheden aan de eerstejaars van de verpleegkunde opleiding te geven. De afgelopen jaren heb ik op de afdeling laten zien dat ik veel geduld heb wat betreft het begeleiden van leerlingen en nieuwe medewerkers. Ik kan met dit geduld de tijd nemen om gerichte feedback en handvatten te geven aan de leerling, student dan wel collega om kwalitatief betere zorg te leveren en verpleegtechnische vaardigheden toe te passen. Het lijkt mij ontzettend leuk om deze kennis óók te verspreiden onder de verpleegkundigen die werkzaam zijn op de overige afdelingen van het Erasmus MC als lid van het canuleteam.

Hiernaast denk ik dat ik (zeker de afgelopen maanden) heb laten zien dat ik communicatief vaardig ben; ik kan met respect, duidelijkheid en enige humor in gesprek gaan met mijn directe collega’s en andere disciplines. Ik ben een teamplayer en houd van een goede sfeer op de afdeling. Deze vaardigheden kan ik onder andere inzetten tijdens scholing van verpleegkundigen, consulten op andere afdelingen en in contact met de andere leden van het canuleteam.

Zoals jullie weten zet ik me ergens altijd 200% voor in. Met mijn studie en mijn recentelijke promotie tot senior verpleegkundige heb ik even getwijfeld aan het feit of ik het canuleteam momenteel wel kan geven wat ik wil. Wat ik eerst als een struikelblok zag, zie ik nu als een aanwinst. Doordat mij duidelijk is geworden dat een fulltime week niet noodzakelijk is, denk ik juist dat ik mijn gedrevenheid en doorzettingsvermogen goed kan inzetten bij het opstarten en het draaiende houden van het canuleteam.

Al met al denk ik dat mijn vaardigheden die ik bezit kunnen leiden tot het uitoefenen van waardevolle scholing en voorlichting binnen het canuleteam. Hiernaast sta ik met een lerende houding open voor feedback en verbetering, waardoor ik kan groeien tot een nog betere hoofd- hals verpleegkundige.

In de bijlage van de email heb ik mijn CV toegevoegd.

Ik hoor graag terug of ik van mijn ambitie werkelijkheid mag maken!

Met vriendelijke groet,

Maaike van Sasse van IJsselt

Corona vaccinatie: artikelen en wetenschappelijke publicaties op een rij

Corona vaccinatie: artikelen en wetenschappelijke publicaties op een rij

Wat moet je nog geloven over het vaccin? Het ene nieuwsbericht is lovend over het feit dat de eerste vaccins zijn toegediend, het andere nieuwsbericht draagt aan dat er mensen ‘ernstige bijwerkingen’ hebben gekregen van het vaccin. Er zijn zoveel tegenstrijdigheden te lezen op internet. Er zijn een heleboel bange mensen die één roddel horen, deze aandikken en dan verspreiden. Of gewoon heel wat vragen hebben. Waarom wordt er niet ingespeeld op de voorkoming van ziekte? Hoe werkt dat vaccin? En hoe werkt dat in het lichaam als je besmet raakt met corona?

Neem in acht dat ik het internet heb afgezocht op artikelen om mijn vragen te kunnen beantwoorden. Dit betekent dat jij dit ook kunt doen. Alle informatie die wij lezen, kan door iedereen op een andere manier geïnterpreteerd worden. Ik deel in deze blog graag de informatie die ik gevonden heb en hoop dat dit bijdraagt voor jullie keuze tot wel of niet vaccineren. De blog is geschreven in de week van 18 januari en tot op heden niet aangepast.

BioNtech/Pfizer vaccin: de feiten op een rij

Bijsluiter: klik hier

Het vaccin:

  • Bestaat uit een stukje genetische code zoals in het coronavirus aanwezig is. Dit heet mRNA. Hieromheen zit een vetbolletje (1).
  • Wordt op natuurlijke wijze weer door het lichaam afgebroken (1).
  • Bestaat uit twee prikken. De tweede prik wordt drie weken na de eerste prik toegediend (1).
  • Heeft een effectiviteit van 95% (relatieve risico reductie). Dit betekent dat het van de 100 mensen die zonder vaccin corona zouden krijgen, er na vaccinatie nog maar 5 mensen corona krijgen. In de studie zijn ook deelnemers meegenomen die tot de risicogroep behoren en hierbij is dezelfde effectiviteit gezien (1).
  • Geeft bijwerkingen die vergelijkbaar zijn met bijvoorbeeld de griepprik. Denk aan roodheid, pijn en zwelling op de prikplek. Spier- en gewrichtspijn kunnen ook voorkomen, net als vermoeidheid, hoofdpijn, koude rillingen en verhoging. Deze bijwerkingen zijn mild en verdwijnen na een paar dagen. In enkele gevallen komen ook allergische reacties* voor (1).
  • Zorgt ervoor dat de bescherming zo’n drie maanden na vaccinatie nog onverminderd hoog is. Aangezien de mensen die gevaccineerd nog steeds gevolgd worden, wordt de langere termijn bescherming nog onderzocht (1).

*Het college ter beoordeling van medicatie vult aan op de allergische reactie: “Enkele van de honderdduizenden mensen die inmiddels wereldwijd zijn gevaccineerd, kregen een ernstige allergische reactie. Tijdens de grote klinische studies met tienduizenden deelnemers, voorafgaand aan de registratie is deze bijwerking niet gezien. Deze bijwerking is dus heel erg zeldzaam.” (1). Hiernaast houdt deze Belgische site de bijwerkingen bij van de Belgische mensen die zijn gevaccineerd.

Wil je meer weten over de veiligheid en effectiviteit volgens de onderzoekers zelf? Lees dan nog even verder. Zie het kopje: “Als jij je laat vaccineren, ben je een testkonijn..”

Hoe werkt een mRNA vaccin?

  • Het mRNA wordt in het lichaam afgelezen en vertaald naar spikeproteïnen. Dit is een eiwit van het virus. Dit eiwit wordt zo zichtbaar voor de afweercellen in het lichaam, die vervolgens antistoffen aanmaken die het virus herkennen bij een besmetting. Als iemand in de toekomst in aanraking komt met het coronavirus dan wordt het virus onschadelijk gemaakt (1).
  • Koorts na de vaccinatie toont juist aan dat de vaccinatie zijn werkt doet. Ons lichaam maakt dus die eiwitten aan, die door ons afweersysteem herkend worden als virusmateriaal. Het vaccin stimuleert ons lichaam om zelf antistoffen aan te maken en bepaalde cellen die het virus onschadelijk maken (2). Denk hierbij aan de vaccinaties die je waarschijnlijk hebt gehad als kind. Door het maken van afweerstoffen kan de lichaamstemperatuur stijgen. Koorts betekent dus dat de inenting zijn werk doet (3).
  • Het mRNA komt in de celkern én niet in het DNA (4).

Meer informatie over mRNA en hoelang dit al bestaat? Klik dan hier voor een Engelstalig wetenschappelijke review (5).

Als jij je laat vaccineren, ben je een testkonijn..

  • Het college ter beoordeling van medicatie laat weten aan onder welke voorwaarden het vaccin is goedgekeurd: “De fabrikant is verplicht de komende twee jaar aanvullende informatie in te dienen. Zo moet uit verder onderzoek blijken hoe lang het vaccin bescherming geeft, hoe goed het vaccin ernstige en dodelijke COVID-19 voorkomt, hoe goed het mensen met een minder goed afweersysteem beschermt en of het vaccin ook corona zonder klachten of besmetting van anderen voorkomt. Ook moet blijken of het vaccin gebruikt kan worden door mensen die niet in het onderzoek zaten, bijvoorbeeld zwangere vrouwen. Een voorwaardelijke goedkeuring geven Europese autoriteiten alleen wanneer er bij een ernstig ziekteverloop nog geen betere behandelopties zijn.” (1).
  • Doordat er nog veel dingen zijn die we niet weten over het coronavirus, is het ontwikkelen van een vaccins tegen corona erg lastig. Er bestaan verschillende manieren om een vaccin te ontwikkelen, bijvoorbeeld op basis van een dood of verzwakt virus, een stukje eiwit van het virus, of genetisch materiaal. Voor het ontwikkelen van een coronavaccin worden al deze manieren onderzocht (6).
  • Het college ter beoordeling van geneesmiddelen laat ook weten: “Het ontwikkelen van een vaccin kost tijd en er moeten veel stappen worden genomen. Als medicijnautoriteit bekijken we, samen met andere medicijnautoriteiten wereldwijd, hoe we het proces kunnen versnellen. Uiteraard zonder in te leveren op de veiligheid.  Veel van de vaccins die op dit moment ontwikkeld worden, zijn gebaseerd op bestaande technieken, die ook bij andere ziektebeelden al uitgebreid getest zijn. Hierdoor zijn bepaalde studies naar de veiligheid, zoals dierproeven, niet meer nodig. Wat weer kostbare tijd scheelt. Ondanks dat de nood voor een vaccin hoog is, blijft het belangrijk dat we het proces van beoordeling nauwkeurig uitvoeren. Daarbij staat veiligheid bovenaan. We moeten tenslotte zeker weten dat het vaccin veilig genoeg is en geen schade aanbrengt als het beschikbaar komt voor heel veel mensen.” (6).
  • Het review van Zhang et. al (2019) laat weten dat gedurende de laatste twee decennia is er brede belangstelling geweest voor op RNA gebaseerde technologieën voor de ontwikkeling van profylactische en therapeutische vaccins. Preklinische en klinische onderzoeken hebben aangetoond dat mRNA-vaccins een veilige en langdurige immuunrespons bieden in diermodellen en mensen (5).  
  • Mede door veel geld. Heel veel geld. En het feit dat de ziekte vaak voorkomt, worden de vaccins binnen een korte tijd ontwikkeld (7)(8).
  • De preklinische fase bestaat uit het bestuderen van het vaccin in een lab en het toedienen op proefdieren. Fase 1 bestaat uit het toedienen van het vaccin op een kleine groep mensen om te kijken of het veilig is en meer te weten te komen uit de immuunrespons. Fase 2 bestaat uit het toedienen van het vaccin in een groep van honderden mensen om inzicht te krijgen in de veiligheid en juiste dosering. Fase 3 bestaat uit het toedienen van het vaccins aan duizenden mensen om de zeldzame bijwerkingen en effectiviteit te bevestigen. Deze fase bestaat uit een controlegroep die door middel van randomisatie een placebo krijgt toegediend (het neppe vaccin) en de andere mensen krijgen het echte vaccin toegediend (7)(9).

Zie hieronder een deel uit het artikel van BioNTech/Pfizer (Dit is dus fase 3).

In totaal werden er 43.548 deelnemers geïncludeerd in de studie, waarvan er 43.448 een vaccin kregen. Door middel van randomisatie kregen er 21.720 deelnemers het zogenaamde BNT162b2 vaccin. Dit is het BioNTech/Pfizer vaccin en 21.728 deelnemers kregen een placebo toegediend. Van de mensen met het ‘echte’ vaccin kregen er 8 corona en van de mensen met het ‘neppe’ vaccin kregen er 162 corona. De onderzoekers hebben uitgerekend dat dit een 95% effectiviteit betreft om corona te kunnen voorkomen, met een interval van 90,3 tot 97,6. Een vergelijkbare betrouwbaarheid kon worden uitgerekend bij verschillende subgroepen. Denk hierbij aan subgroepen van: leeftijd, geslacht, ras, etniciteit, baseline body-mass index en de aanwezigheid van naast elkaar bestaande aandoeningen. Bijwerkingen waren kortdurende, milde tot matige pijn op de injectieplaats, vermoeidheid en hoofdpijn. De incidentie van ernstige bijwerkingen was laag en was vergelijkbaar in de vaccin- en placebogroep (10).  Meer lezen? Klik dan hier.

Zwanger (worden) en vaccineren?

  • Het wordt zwangere vrouwen afgeraden om het vaccin te nemen, aangezien deze niet in de studies waren geïncludeerd (11).
  • Uit laboratoriumstudies en een beperkt aantal gegevens komen geen aanwijzingen naar voren dat vaccinatie schadelijk is als u zwanger bent. Zwangere vrouwen wordt aangeraden om de prik uit te stellen tot na de zwangerschap (1).
  • The American College of Obstetricians and Gynecologists (ACOG) beveelt aan dat de vaccinaties niet worden onthouden aan zwangere en/of borstvoeding gevende vrouwen die voldoen aan de criteria voor de vaccinatie. Zij laten ook nogmaals weten dat de mRNA-vaccins geen levende virusvaccins zijn. Deze vaccins komen niet in de kern en veranderen het menselijk DNA bij ontvangers van vaccins niet. Als gevolg hiervan kunnen mRNA-vaccins geen genetische veranderingen veroorzaken (4).
  • Bij mannen of vrouwen met een kinderwens is er geen bezwaar voor vaccinatie. Als je achteraf toch zwanger bleek te zijn tijdens de vaccinatie, is dat geen reden om je zorgen te maken (4)(12).

Meer vraag en antwoorden zien? Klik dan hier voor een bezoek aan de website van het RIVM.

Corona voorkomen en genezen

Op Instagram heb ik meerdere vragen gekregen over het voorkomen en genezen van corona. Ik ben werkzaam als senior verpleegkundige en beoefen met veel liefde mijn vak. Mede door mijn opleiding als verplegingswetenschapper ben ik kritisch op nieuws én (wetenschappelijke) artikelen. Ik wil uitzoeken waar een bevinding vandaan komt en of dit een gedegen onderzoek betreft. Zeker voordat ik deze bevinding doorvertel en deze als waarheid wordt aangezien. Dit betekent dat ik zoek naar literatuur en hier zelf een mening aan koppel. Ik ben geen arts en wil in deze blog dan ook niet in gaan op het kunnen voorkomen en genezen van corona. Er is nog zoveel onbegrepen en dit is gewoon weg niet mijn vakgebied. Ik hoop dat je dit begrijpt. Voor verdere informatie raad ik je aan om op een gedegen manier jouw eigen onderzoek te verrichten en door middel van wetenschappelijke artikelen jezelf te onderwijzen.

Welke andere vaccins komen er nog meer?

Wie er wanneer wordt gevaccineerd en met welk vaccin dit is, kun je hier vinden.

Ik zal als 26 jarige met astma onder behandeling bij de longarts en longfysio in aanmerking komen voor: AstraZeneca, CureVac, Janssen of Sanof. Dit zal rond Q1, Q2 zijn. Indien ik hierbij niet in aanmerking kom, word ik samen met alle andere zorgmedewerkers gevaccineerd in Q2. Het Moderna vaccin zal dan worden toegevoegd aan de vaccins waarvoor ik in aanmerking zal komen. Gezien de vele veranderingen in een korte tijd, kan het zomaar ook zijn dat deze informatie nog verandert. Zodra meer onderzoek te vinden is over de andere vaccins én welk vaccin ik krijg, duik ik de literatuur weer in.

Zou jij je laten vaccineren met BioNTech/Pfizer?

Als ik gevaccineerd zou worden met BioNTech/Pfizer, had ik dit gedaan. Deze keuze is allereerst gebaseerd op het doornemen van artikelen en wetenschappelijke publicaties. Ten tweede op het uitzoeken wat waar is en wat niet op de berichten die voorbij komen op sociale media (hier ga ik niet verder op in, ik wil jullie enkel met goed onderbouwde bronnen informeren). En als laatste op het feit dat ik sinds maart na een periode van koorts meerdere astma aanvallen heb gehad. Corona is volgens mijn longarts hoogst waarschijnlijk de oorzaak, want die diagnose heb ik gekregen. Als ik kan voorkomen dat ik nog een keer ziek wordt en bijna een jaar moet herstellen, dan doe ik dat graag. Ik vind dat of iemand zich wel of niet vaccineert geen reden tot discussie is. Iedereen zal dit wel of niet doen met weloverwogen gedachten. Het belangrijkste is dat je het nieuws doorleest en beoordeelt wat waar of niet is en de wetenschappelijke publicaties goed doorneemt. Ik denk dat iedereen dat tot een wel overwogen besluit kan komen. Succes met je keuze!

Op de hoogte blijven van andere vaccins?

Klik hier voor de laatste informatie.

> Ben jij beter in het tot je nemen van informatie door middel van filmpjes? Bezoek dan de Instagram van Juf Danielle.

Het kan zijn dat ik bepaalde informatie fout geïnterpreteerd heb en hierdoor iets heb geschreven wat niet (helemaal) correct is. Ik deel deze informatie om jullie te voorzien van meer informatie om een weloverwogen beslissing te maken. Pin mij nergens op vast en doe vooral ook zelf je onderzoek!

Bronnenlijst

1.        Vraag en antwoord coronavaccin BioNtech/Pfizer | College ter Beoordeling van Geneesmiddelen [Internet]. [cited 2021 Jan 18]. Available from: https://www.cbg-meb.nl/documenten/vragen-en-antwoorden/coronavaccin-biontech-pfizer

2.        Coronavaccins | Vaccinaties | College ter Beoordeling van Geneesmiddelen [Internet]. [cited 2021 Jan 18]. Available from: https://www.cbg-meb.nl/onderwerpen/medicijninformatie-vaccinaties/coronavaccins

3.        Mijn kind heeft koorts na een inenting | Thuisarts [Internet]. [cited 2021 Jan 18]. Available from: https://www.thuisarts.nl/koorts-na-inenting/mijn-kind-heeft-koorts-na-inenting

4.        Vaccinating Pregnant and Lactating Patients Against COVID-19 | ACOG [Internet]. [cited 2021 Jan 18]. Available from: https://www.acog.org/clinical/clinical-guidance/practice-advisory/articles/2020/12/vaccinating-pregnant-and-lactating-patients-against-covid-19

5.        Zhang C, Maruggi G, Shan H, Li J. Advances in mRNA vaccines for infectious diseases. Vol. 10, Frontiers in Immunology. Frontiers Media S.A.; 2019.

6.        Ontwikkeling en beoordeling vaccins tegen corona | Coronavirus | College ter Beoordeling van Geneesmiddelen [Internet]. [cited 2021 Jan 18]. Available from: https://www.cbg-meb.nl/onderwerpen/medicijninformatie-het-nieuwe-coronavirus/vaccins-tegen-covid-19

7.        Hoe werkt vaccinontwikkeling? [Internet]. [cited 2021 Jan 18]. Available from: https://www.vereniginginnovatievegeneesmiddelen.nl/nieuwsberichten/2020/04/website/hoe-werkt-vaccinontwikkeling

8.        Interview: Een coronavaccin: waar staan we nu? | Nieuwsbericht | College ter Beoordeling van Geneesmiddelen [Internet]. [cited 2021 Jan 18]. Available from: https://www.cbg-meb.nl/actueel/nieuws/2020/08/13/interview-een-coronavaccin-waar-staan-we-nu

9.        73 covid-19-vaccins in preklinische, 5 in klinische fase | medischcontact [Internet]. [cited 2021 Jan 18]. Available from: https://www.medischcontact.nl/nieuws/laatste-nieuws/nieuwsartikel/73-covid-19-vaccins-in-preklinische-5-in-klinische-fase.htm

10.     Polack FP, Thomas SJ, Kitchin N, Absalon J, Gurtman A, Lockhart S, et al. Safety and Efficacy of the BNT162b2 mRNA Covid-19 Vaccine. N Engl J Med. 2020 Dec 31;383(27):2603–15.

11.     Vragen en antwoorden coronavaccins: zwangerschap | RIVM [Internet]. [cited 2021 Jan 18]. Available from: https://www.rivm.nl/coronavirus-covid-19/vaccins/vragen-en-antwoorden-coronavaccins-zwangerschap#Invloed-ivf

12.     Kinderwens, zwangerschap – Radboudumc [Internet]. [cited 2021 Jan 18]. Available from: https://www.radboudumc.nl/afdelingen/verloskunde-en-gynaecologie/onze-aandachtsgebieden/voortplantingsgeneeskunde/vaccinatie

Waarom ik voor de opleiding Verpleegkunde heb gekozen

Waarom ik voor de opleiding Verpleegkunde heb gekozen

Laten we deze blog eens beginnen met het beantwoorden van deze vraag. Waarom heb ik voor verpleegkunde gekozen? Houd je vast. Ik wilde geen verpleegkundige worden. Ik had geen eens een voorstelling van hoe het er in het ziekenhuis, verpleeghuis of thuiszorg aan toe ging. Vroeger wilde ik dierenarts worden, maar als snel had ik door dat ik praten zo leuk vond, dat ik patiënten wilde hebben die terug kunnen praten. Dokter worden leek mij niets, ik wilde met mijn voeten in de klei staan en er direct zijn voor de patiënt. Ik had het idee vroeger dat artsen vooral poli’s draaiden, hun patiënten maar kort zagen en geen band opbouwden. Ik weet nu beter dat dit vaak wel het geval is, maar dat de artsen er altijd zelf bij zijn als het gaat om een band opbouwen. En dat dit bij elk specialisme anders is. Omdat ik het ziekenhuis altijd waanzinnig vond.. de lange gangen, de witte pakken en de mensen die er geholpen worden.. wilde ik verloskundige worden. Hoe mooi is het als jij er bij kan zijn als er een baby wordt geboren. Ik vind dit nog steeds een heel mooi moment in het leven. Heel intiem en het is fantastisch als jij dit kan begeleiden. Ik werd helaas uitgeloot voor de verloskunde opleiding en startte ‘maar’ aan de verpleegkunde opleiding.

Het doel was om mijn propedeuse te halen en erna naar de verloskunde opleiding te gaan. Hopelijk werd ik dan wel ingeloot. In mijn eerste jaar had ik mijn eerste full time stage. Dit was in het verpleeghuis van Laurens. Hier schreef ik al eens eerder een blog over. Ik vond het zorgen voor ouderen met dementie zo indrukwekkend. Ik wist niet dat ik hier zoveel voldoening uit kon halen. Het feit dat de verpleegkundige/verzorgende de bewoner de aandacht kon geven die nodig was en er voor diegene kon zijn. In dit jaar hoorde ik dat ik het volgende jaar de thuiszorg in mocht gaan. Ik wilde dat ook zien. Nooit gedacht dat ik de ouderen zorg al leuk kon vinden, dus hoe leuk zou het dan zijn als je bij de mensen thuis kwam?

En daar ging mijn droom om verloskundige te worden. Al snel wist ik dat ik op de kinderafdeling stage wilde lopen en obstetrie verpleegkundige wilde worden. Dit is – als ik het goed zeg – een verpleegkundige die samen werkt met de verloskundige en helpt tijdens bevallingen en de nazorg. Mijn tweede jaar was voorbij, ik had gesolliciteerd voor een duale plek in het Erasmus MC en mijn derde jaar ging beginnen. Vol goede moed begon ik op de volwassen verpleegafdeling. Ik vond dit nog leuker dan de ouderen zorg en de thuiszorg. Ik weet nog wel dat ik het idee had dat ik binnen het ziekenhuis nog meer kon leren. Al denk ik dat als ik toen der tijd een duale plek in de ouderenzorg had gehad, ik ook met een andere blik naar die zorg had gekeken en misschien wel hetzelfde had gedacht. Ik was verkocht aan de verpleegafdeling van het ziekenhuis. Natuurlijk ging niet alles goed, zoals ik ook al in een andere blog heb omschreven, maar ik vond het waanzinnig om met volwassenen te praten over hun ziekte, de betekenis van hun leven, hoe zij tegen de toekomst aan kijken en wat in hun ogen goede zorgverlening is. Er voor hen zijn op hun kwetsbaarste moment. De patiënten zien opknappen of juist begeleiden richting het overlijden. Super mooi, wederom heel intiem en dankbaar.

Binnen het ziekenhuis liep ik al snel tegen obstakels aan. Obstakels waarvan ik dacht dat het hoorde en waar ik als leerling verpleegkunde maar aan moest wennen. Geen begeleiding na heftige sterfgevallen, het niet bespreken van kritische situaties, etc. Door hierover te praten leerde ik al snel dat dit misschien niet helemaal juist was. Ik bedacht mij dat om goed voor je patiënten te kunnen zorgen, je ook goed voor jezelf moet zorgen. Maar hoe lastig is dat als je als leerling afhankelijk bent van de verpleegkundigen op de afdeling. Enorm! Dit maakte dat ik mijn afstudeer onderwerp snel had gevonden. Ik onderzocht hoe de student en jong gediplomeerd verpleegkundigen de palliatieve zorg ervoeren.

Mijn afstuderen zorgden ervoor dat ik de gehele obstetrie opleiding vergat en wist dat ik verder wilde studeren in de volwassenen zorg en dat ik de leerlingen en verpleegkundigen wilden helpen in hun werkzaamheden. Dat helpen kan met onderzoek, implementaties, luisteren, etc. Hierdoor kwam ik op de opleiding verplegingswetenschap.

Had ik aan het begin gedacht dat ik gelukkig zou worden van een master verplegingswetenschap? Had ik aan het begin gedacht dat ik sputum, canules en grote complexe oncologische operaties leuk zou vinden? Echt niet! Ik ben in de verpleegkunde opleiding gerold en vond het eigenlijk onverwachts heel leuk. En ik ben in het specialisme gerold waar ik nu in werk omdat ik leerling ben geweest op de afdeling. En in die master ben ik gerold door tegen heel veel obstakels op te lopen.

Ik denk dat iedereen begint met een opleiding in de zorg omdat het zorgen in je zit. Je wilt iets goeds doen voor de ander, zorgen voor de ander en zorgen wegnemen. Ik denk dat gaandeweg de opleiding je merkt waar je hart echt ligt. Misschien zie jij je altijd wel als chirurgisch verpleegkundige, maar vind je de interne kant veel leuker! Of verrast de ouderenzorg jou ook zo en blijf je daar plakken. Dus.. Waarom heb jij voor verpleegkunde gekozen?

Help! Studeren en een leuk leven? Hoe houd ik alle ballen hoog?

Help! Studeren en een leuk leven? Hoe houd ik alle ballen hoog?

Ik zag deze quote van Rumag laatst voorbij komen op Social Media.

In 2012 begon ik met de opleiding tot verpleegkundige op de hoge school Rotterdam. En nu, in 2020, hoop ik af te studeren aan de master verplegingswetenschappen op de universiteit van Utrecht. Na 8 jaar studeren, gemiddeld genomen tijdens deze jaren drie keer per week sporten, uitgaan, uitrusten, verschillende commissies bijwonen, werken als verpleegkundige en mijn vrienden tevreden houden, denk ik wel dat ik je over dit onderwerp meer kan vertellen. Dus ik zal je 10 tips geven. Hier komen ze:

1.Studie dag inplannen

Als ik mijn studie dag in plan is dit meestal een halve dag (4 tot 5 uur). Dit betekent dat ik of kan uitslapen als ik moe ben (punt 10), of kan ontspannen of sporten (punt 5) of wat leuks kan doen (punt 4). Mijn tip bij die uren dat je aan het studeren bent is om een plekje te kiezen om te zitten waar jij je volkomen kunt concentreren. Ik werk het liefste in een lichte ruimte, met chille muziek en een goed beeldscherm. Dit kan in een leuk café in de stad zijn, maar ook in mijn woonkamer. Als ik in de stad ga studeren houd ik rekening met de dag en het dagdeel. Op de zaterdag de stad in gaan is een no-go. Studeren wordt het dan niet, ik ben dan eerder de gesprekken om mij heen aan het afluisteren. In de ochtend voor de lunch of na de lunch vind ik fijne tijden om in de stad te werken. Eventueel kan je ook op je stage aan je studie werken. In het ziekenhuis waar ik werk heb je flexwerkplekken met computers met meerdere beeldschermen. Dit is ideaal als je bijvoorbeeld op het ene beeldscherm een artikel wilt doornemen en op het andere beeldscherm wat woorden wilt vertalen of je verslag wilt schrijven.

2. Reistijd efficiënt benutten

Ik reis in een week naar mijn werk (15 minuten met de fiets, of 20 tot 30 minuten met het openbaar vervoer), naar de sportschool (10 minuten op de fiets), naar mijn vriend (met het openbaar vervoer 60 tot 120 minuten en dan soms ook nog 20 minuten met de auto) of naar de universiteit (ongeveer ander half uur met het openbaar vervoer). Je leest het goed. Ik heb zelf geen auto. Want, ik woon in de stad en zie het nut er nu nog niet van in. Ik heb toen ik in een dorpje buiten de stad woonde wel een auto gehad, maar ik denk dat als ik die nu had, ik hem ook niet zo vaak zou gebruiken. De langste afstand voor mij is het reizen naar Brabant. Ik zorg er dan altijd voor dat ik een volle telefoon heb en inspiratie. Dit zijn eigenlijk (vaak) de momenten dat ik werk aan mijn blog, of mijn instagram en mail bij werk. Misschien heb jij wel meer reistijd en kan jij deze wel beter benutten? In de auto kan je er ook voor kiezen om in plaats van naar de radio te luisteren, naar een podcast te luisteren, of een vriend(in) (punt 3) te bellen.

3. Communiceren met je vrienden

Laat aan je vrienden weten dat zij ook jouw prioriteit zijn, maar dat de studie(en/of werk) nu eenmaal veel tijd vergt. Als dit echte vrienden zijn, zullen zij ook begrijpen. Iedereen is ook anders. Dat vriend(in) A één keer per week wilt afspreken, zegt niet dat vriend(in) B dit ook wilt doen, misschien vind hij/zij één keer per maand wel voldoende. Communiceer dit goed met elkaar. Mijn gouden tip hierbij is om alvast een volgende afspraak te plannen als je afspraak die je nu hebt al voorbij is.

4. Leuke dingen plannen

Wat vind jij leuk om te doen? Yoga lessen, Netflix kijken, Gamen? Noem maar op. Plan dit ook in. Dat je het druk hebt betekent niet dat je geen tijd meer hebt voor de leuke dingen!

5. Ontspanning opzoeken

Waar word jij ontspannen van? Ik ontspan van de sauna, uiteten gaan en sporten. Dit zijn ook echt dingen die ik zo veel mogelijk probeer te doen. Hiernaast vind ik een goed boek ook heel fijn om te lezen, maar raak ik soms ook ontspannen door een fijne meiden avond te hebben. Zoek uit waardoor jij even niet aan alle hectiek in je leven hoeft te denken en dat alles op de automatische piloot gaat. En plan dit in!

6. Vakantie plannen

Ik heb echt reiskriebels. Als ik geen volgend reisje heb gepland, dan word ik een beetje zenuwachtig. Het weten dat ik weer mag gaan reizen geeft mij een vrij en fijn gevoel. Ik weet dat ik niet ‘vast zit’ in de situatie van school en werk, maar dat er ook wat leukers op mij aan het wachten is. Dit kan een dagje weg met overnachting zijn, een weekendje weg/stedentrip, maar ook een heerlijke zonvakantie (of voor diegene die van de wintersport houden, een sneeuwvakantie!)

7. Studeren na je lesdag

Jij blij! Je hebt les tot twee uur in de middag. Probeer niet gelijk de school uit te rennen, maar kijk of jij nog energie hebt om met je neus in de boeken te duiken. Ik weet dat dit zo niet aantrekkelijk klinkt.. Maar, bekijk het zo. Elk uur wat jij op je schooldag besteed aan jou school, hoef jij op een vrije dag er niet aan te besteden. Dus in plaats van de eerste beste trein naar huis te nemen, of op die fiets te stappen, kan je beter even door werken 😉 . Ik probeer dit ook op de vrijdagen te doen, even een paar uur op school blijven om door te werken. En ik zit dan al in die studie vibe én ik plan mijn afspraken hier om heen. Dit zorgt ervoor dat ik dan in het weekend meer tijd over houd voor andere dingen.

8. Tijd overhouden

Punt 7 zorgt er al voor dat je ‘tijd overhoud’, maar zo heb ik nog wel meer tips voor je. Klap je laptop eens open als je aan het reizen bent met het openbaar vervoer, of neem een studieboek mee. Zoveel betere tijdsbesteding dan nutteloos naar dat telefoonschermpje staren en kijken wat je vrienden aan het doen zijn. Kijk of je je reistijd kan verlagen. Ben je ergens misschien wel sneller met het openbaar vervoer, of de fiets, omdat je files vermijd? Op een zonnige dag kan je misschien wel wat tijd winnen om die fiets te pakken. Hiernaast werk ik in mijn nachtdiensten zo snel mogelijk (maar, natuurlijk niet slordig) door. Dit zorgt ervoor dat ik soms wel een paar uur aan mijn studie kan werken omdat ik efficiënt gewerkt heb. Doordat ik dan aan mijn studie werk, hoef ik dit weer niet in mijn vrije tijd te doen!

9. Plan je huishouden

In de jaren dat ik op mijzelf woonde heb ik tot een half jaar geleden altijd zelf de boodschappen gedaan. Ik moet zeggen dat de bezorgservice van de supermarkt wel echt een uitkomst is. Je hoeft niet naar de supermarkt toe, je hoeft er niet rond te lopen, in de rij te staan en die zware tassen draagt de bezorger voor je. Ideaal. En het wint tijd. Hiernaast kan je prima een takenlijst maken voor het huishouden. Wanneer en hoe vaak wil jij het toilet schoonmaken, het huis stofzuigen, de badkamer schoonmaken, etc. En onthoud.. niet alles hoef brandschoon.

10. Tot rust komen

Ik heb veel slaap nodig. Als ik minder dan zeven uur slaap, functioneer ik slechter. Het beste is tussen de acht en negen uur slaap. Gelukkig val ik snel in slaap en slaap ik ook goed door. Als je niet in slaap kan komen doordat je piekert, kan je de gedachten die omhoog komen eens opschrijven. Als dit nou niet werkt én je hebt het idee dat dit geen positieve bijdrage heeft op je functioneren, dan adviseer ik om de huisarts te bezoeken. En het belangrijkste met het tot rust komen is ook om je studie/werk/overige activiteiten niet te zien als een ‘moetje’, want dan wordt het zeker niet leuk. En als jij deze dingen wel zo ziet, wordt het misschien eens tijd om je af te vragen waardoor dit komt en of je het wel zo moet volhouden.

The Key is dus planning. Dit is misschien wel de rode draad die door alle tips heen loopt. Plannen, plannen en plannen. En.. aan jezelf blijven denken. Bekijk wat jij nodig hebt. Ik werk momenteel 24 uur (dit zijn drie dagen), studeer ongeveer één a twee dagen in de week, ga één keer in de twee weken één dag naar Utrecht (met heen en weer reizen is dit ongeveer tien tot twaalf uur op die dag), sport vier keer per week ongeveer twee uur (dus 8 uur totaal in een week), houdt mijn ‘weekenden’ zoveel mogelijk vrij als ik niet hoef te werken. Die vrije weekenden plan ik dan in met leuke dingen. Dus probeer op de zondagavond met je agenda achter de tafel te gaan zitten. En ga plannen. Ik doe dit ook, zelfs samen met mijn huisgenoot om de huishoudelijke taken te bespreken. En het werkt voor mij prima, succes!

Wat is Verplegingswetenschap?

Wat is Verplegingswetenschap?

Over 8 maanden ben ik afgestudeerd. Dan heb ik een master. Een master in verpleegkunde, ook wel verplegingswetenschap genoemd. Ik kan mij dan verplegingswetenschapper noemer. Nou leuk, maar wat heb ik daar nou aan?

Allereerst zal ik een filmpje laten zien over de master opleiding zelf, hierna vertel is je er meer over 😊

Film over Verplegingswetenschap: klik hier

Deze film staat op de informatiepagina van de universiteit van Utrecht > klik hier. De dag dat dit filmpje werd gemaakt ben ik gevolgd. Hierna hebben zij mij ook nog op werk gefilmd. Gelijk in een kijkje binnen de kliniek Hoofd Hals dus!

Even een aantal jaar terug. Maaike op de HBO opleiding. Ik wist toen al dat ik na mijn afstuderen verder wilde dan enkel ‘aan het bed staan’. Ik wilde en wil niet ‘van het bed af’, maar ik zag als beginnend verpleegkundige al dat veel beslissingen vanaf bovenaf (top-down) werden genomen en dat verpleegkundigen hier veelal geen inspraak op hadden. Dit moest anders. Tevens houd ik van schrijven en vind ik dat mijn mooie achternaam echt wel eens in een goed vakblad mag verschijnen met een vooraanstaand artikel over een onderzoek wat ik heb gedaan. Dit onderzoek draagt dan veel bij aan de kwaliteit in de gezondheidszorg. Dan wel op verpleegkundig vlak of patiënt gericht. Grote dromen zijn er om nageleefd te worden toch? Vandaar dat ik de stap nam om de opleiding te gaan doen.

Wat heeft de maatschappij daar dan aan? Wat dacht je van betere ontwikkeling van onderwijs, door middel van onderzoek. En door middel van onderzoek kan die verplegingswetenschapper een kwaliteitsslag maken in de gezondheidszorg. Niet alleen maar gericht op die patiënt uitkomsten (denk aan lager sterfte cijfer, hogere patiënt tevredenheid), maar ook gericht op verpleegkundigen (denk aan onderzoek naar de functiedifferentiatie of ondersteuningsmogelijkheden voor verpleegkundigen). Dan heb ik pas twee pijlers gehad en heb ik er nog twee te gaan. De maatschappij heeft wat aan een steady management in een zorginstelling. Het zij de thuiszorg, een verplegingstehuis of het ziekenhuis. Zonder goed management kom je nergens en boek je geen vooruitgang. Het zelfde geldt voor beleid. En hoe tof is dat, dat die verplegingswetenschapper dit beide kan vormgeven. Of de maatschappij wat aan ons heeft? Nou en of!

Wat houd de opleiding dan in? Heb je geen VWO diploma (zoals ik), dan moet je je eindexamen wiskunde halen op VWO niveau. Toen ik terug kwam van mijn wereldreis in februari 2017 ben ik de boeken in gedoken. Elk moment van mijn vrije tijd maakte ik wat sommen en stampte ik de stof. Zelfs in mijn nachtdiensten. Nu vind ik studeren in mijn nachtdiensten nog steeds erg prettig, maar dat is een onderwerp voor een andere keer. Na vier maanden zelfstandig de stof doornemen van de laatste twee jaar van het VWO maakte ik het staatsexamen. En ik haalde het. Ik ben geen reken wonder, maar ben er heilig van overtuigd dat waar een wil is, een weg is. Anderen van de opleiding doken ook zelf de boeken in, of volgden een cursus. Het is maar net wat bij jou past.

En dan heb je dat VWO wiskunde certificaat te pakken. Allereerst moet je je natuurlijk inschrijven. Na deze inschrijving dien je je CV in te sturen, samen met een motivatiebrief. Als alles klopt, de universiteit je goed gekeurd heeft en jij nog steeds wilt studeren, kan je beginnen aan de pre-master. De gehele opleiding is deeltijd (elke vrijdag is een lesdag). De pre-master duurt één jaar en bevat vakken zoals statistiek, ethiek, recht, psychologie en sociologie, kwalitatief- en kwantitatief onderzoek. Tevens heb je het gehele pre-master jaar door verschillende groepsopdrachten. Zo maak je een klein literatuuronderzoek en schrijf je een onderzoeksvoorstel met de gehele klas voor een groot onderzoek wat je uiteindelijk ook gaat uitvoeren. Het eerste jaar van de master gaat nog even door op dat o zo leuke statistiek, je leert een systematic review te schrijven, schrijft met je subgroep een implementatieplan en leert verschillende onderzoeksvaardigheden. Het laatste en het tweede jaar staat in het teken van afstuderen. De deadline van het CCMO voorstel concept is aankomende maandag (zodra ik feedback van mijn begeleiders terug heb, ga ik hier dit weekend dus hard aan werken!). De definitieve versie moet midden december ingeleverd worden. Ondertussen volg ik ook nog een keuzevak (Leadership in Healthcare) en vanaf januari staat het afstuderen in het teken van het zelfstandig uitvoeren van mijn eigen onderzoek. De gehele opleiding is voor het grotendeels in Engels. De colleges zijn over het algemeen in het Nederlands, maar de literatuur en je stukken schrijf je in het Engels (op het implementatie plan na dan). Nog vragen? Stel ze gerust!